Kallistos Ware : vergeving

VERGEEF-ONS…….ZOALS OOK WIJ VERGEVEN

DE VERGEVING IN HET GEBED DES HEREN

Bisschop Kallistos (Ware)

Hoe vergeven ? Wanneer vergeven ? Waarom ? Zovele vragen die rechtstreeks voortvloeien uit de evangelische geboden en vooral uit het gebed dat Christus geleerd heeft aan Zijn leerlingen. Vragen waarop bisschop Kallistos heeft geprobeerd alle implicaties, zowel op theologisch als op anthropologisch vlak in het licht te stellen en dit tijdens een voordracht ter gelegenheid van een recent bezoek aan Jeruzalem.

Lees verder Kallistos Ware : vergeving

Pinksteren

De icoon van Pinksteren

 

 

pinksteren 12

Op Pinksteren vieren we de KERK!
“De lichamelijke aanwezigheid van Christus onder ons is ten einde, de handelingen van de Geest beginnen” (H. Gregorios van Nazianze, Homilie van Pinksteren, 81)
De dag van Zijn Hemelvaart naar de Vader, gaf Christus aan Zijn leerlingen de opdracht om “niet uit Jeruzalem heen te gaan, maar de Belofte van de Vader af te wachten” (Hand. I: 4). Hij vroeg hen om samen te blijven om de gave van de Geest te ontvangen:
“Gij zult kracht ontvangen wanneer de Heilige Geest over u komt; en gij zult Mijn getuigen zijn in Jeruzalem en geheel Judea en Samaria, ja tot aan het einde der aarde” (Hand. I: 8).

Lees verder Pinksteren

Het concilie van Nicea (325)

Border 654D

Het (eerste oecumenisch) concilie van Nicea (325)

 

eerste oecumenisch concilie

De zaak die de meeste aandacht zou vragen op het concilie van Nicea begon rond het jaar 320 in Alexandrië. Een zekere presbyter Arius kwam in conflict met bisschop Alexander van de stad over de status van Jezus Christus als Zoon van God. Moest dit zoonschap zo worden opgevat, dat de Zoon evenzeer God was als zijn Vader, of was er een essentieel verschil, en moest de Zoon als schepsel worden beschouwd? Arius leerde het laatste, Alexander het eerste. Het duurde niet lang, of dit werd een strijdpunt in grote delen van de kerk, zeker in het oosten.
Bisschoppen en andere betrokkenen konden deze kwestie hun onverdeelde aandacht geven, omdat de kerk pas door Constantijns tolerantie-edict van 313 was bevrijd van het gevaar van vervolgingen. Sterker nog, omdat Constantijn het christendom als keizerlijke godsdienst had aangenomen, was het van het grootste belang dat er duidelijkheid bestond over de juiste leer en dat er geen scheuringen in de kerk ontstonden.

Lees verder Het concilie van Nicea (325)

De icoon van Hemelvaart

border kruis354

De icoon van Hemelvaart

Paul Evdokimov

 

hemelvaart258

 

De icoon van een feest inspireert altijd de liturgische teksten van een officie.
De liturgie van Hemelvaart moet gezien worden rond de tekst van Lucas (24,50-53) en de Handelingen der Apostelen (1,9-11). Sint Paulus van zijn kant vermeldt het gebeuren : ‘Diegene die is neergedaald, is dezelfde die ook opgestegen is ten hemel'(Ef.4,10), en psalm (24,9) onderlijnt er de draagwijdte van :’Heft, poorten, uw hoofden omhoog, en verheft ze, gij aloude ingangen, opdat de Koning der ere inga’. De twee ‘deuren’ duiden op de twee metafysische polen van de aarde en de twee uiteinden van de weg naar het heil.

Lees verder De icoon van Hemelvaart

Teksten van Kerkvaders over de eucharistie

border MM44

TEKSTEN VAN KERKVADERS OVER DE EUCHARISTIE

 

1 De werkelijke tegenwoordigheid

De leer van de werkelijke tegenwoordigheid, dit betekent dat Jezus letterlijk en werkelijk aanwezig is, Zijn lichaam en bloed, Zijn godheid en mensheid, onder de gedaanten van brood en wijn in de Eucharistie is een wezenlijk geloofspunt in de Kerk. De Schrift spreket erover in 1 Kor. 10,16-17; 11,23-29; en m.n. in Joh. 6,32-71. Vanaf het begin hebben de Kerkvaders de nadruk gelegd op de werkelijke tegenwoordigheid, zoals blijkt uit de volgende citaten. De vertalingen zijn vrijwel volledig eigen werk.

Lees verder Teksten van Kerkvaders over de eucharistie

De opvolging van Petrus

border 987H

Petrus en Paulus

Petrus en Paulus9

Petrus en Paulus

De griekse Vaders, de Byzantijnse theologen en de orthodoxe liturgie onderlijnen het primaatschap van Petrus onder de apostelen. ‘Hij is de leider der apostelen, schrijft de heilige Photius…Op hem rusten de fundamenten van de Kerk’ (P.G; 102-685 C en 909 A). Op hem, omdat hij de getuige is en omdat hij de goddelijkheid van Christus heeft beleden:’ Het is naar aanleiding van de belijdenis van Petrus dat de Heer het fundament van de Kerk heeft gesteld’ schrijft diezelfde Photius (P.G; 101,933 A).Als ‘Leider’ van het apostolisch hart spreekt Petrus altijd in naam van allen.

Lees verder De opvolging van Petrus

Martelaarschap en Verrijzenis

Abuna Petros martelaarschap

Martelaarschap en

verrijzenis

Olivier Clément

Martelaarschap betekent getuigen. Maar getuigen van Christus op het vlak van de dood betekent iemand worden die opnieuw moet verrijzen. Christelijk martelaarschap is een mystieke ervaring, de eerste getuige in de geschiedenis van het christendom. Het werd in het begin van de geschiedenis opgeschreven in verband met het martelaarschap van Stephanus de “protomartelaar”, in de handelingen der Apostelen : “Maar hij, vol van de Heilige geest,sloeg de ogen ten hemel en zag de heerlijkheid Gods en Jezus, staande aan de rechterhand Gods”…. Dan voerden zij hem buiten de stad en stenigden hem, en terwijl hij werd gestenigd, bad Stephanus “ Heer Jezus, ontvang mijn Geest. En op de knieën vallend riep hij met luide stem : Heer, reken hen deze zonde niet aan. En toen hij dit zei, sliep hij in (Hand.7,55-60). Een glorievolle visie ….gebed voor de vervolgers…. Als de geschiedenis rond is en een ander getuige tot de dood gebracht wordt, “openen zich de hemelen” en staat het de liefdes-energieën toe om hun intrede te doen in de wereld.
Lees verder Martelaarschap en Verrijzenis

Het kruis in de orthodoxe theologie

In voorbereiding op de zondag van het heilige Kruis

 

HET KRUIS IN DE ORTHODOXE THEOLOGIE

kruis528

 

In Jezus Christus is de dood het opperste offer : vooreerst omdat zij ondergaan is als verzoening voor alle menselijke zonden; en in de tweede plaats, omdat Christus zich onderwerpt aan het offer van het kruis alleen wanneer Zijn uur gekomen is, dus niet toevallig. Dit betekent dat Zijn offer ondergaan is op het moment waarop Hij tot Zijn einde toe het mysterie die, van alle eeuwigheid, de mens betreft.
Hier raken we het hart zelf van het probleem : de historische reële dood van Jezus Christus die ons tegelijk de oplossing biedt, te weten dat het antwoord op de aankondiging van de dood van God, het evangelie van de verrijzenis van de mens is. En omgekeerd, indien de Verrijzenis volgt op het Kruis en indien zij het begin is van de achtste dag, dan is het offer van de Heer een conclusie en een opperste bekroning van de achtste dag.

Lees verder Het kruis in de orthodoxe theologie

Gregorius Palamas : over de heilige iconen

De Heilige Gregorius Palamas : Over de heilige iconen.

Palamas Gregorius en zijn familie

‘Je zal u geen afbeelding maken, noch van iets in de hemel hierboven, noch van iets op de aarde beneden of in de zee’ (Ex.20,4), in deze betekenis dat we ze niet mogen aanbidden en verheerlijken als goden. Want allen zijn schepselen van de ene God, geschapen door hem in de Heilige Geest door Zijn Zoon en Logos van God in deze laatste tijden vlees geworden uit een maagd. Hij is op aarde verschenen en werd deelgenoot van mensen. Hij heeft voor de bevrijding van de mensen geleden, is gestorven en verrezen. Hij is neergedaald met zijn lichaam in de hemelen, en « zit neer aan de rechterhand van de Majesteit in de hoge »(Hebr.1,3). Hij zal wederkomen met Zijn Lichaam om levenden en doden te oordelen. Uit liefde voor Hem zal je een icoon maken, voor Hem die mens is geworden voor ons, en door Zijn icoon zal je hem in herinnering brengen en Hem aanbidden. Door de icoon zal uw verstand op een verheven wijze het eerbiedwaardige Lichaam van de Verlosser erkennen.

Lees verder Gregorius Palamas : over de heilige iconen

Veertigdagentijd in de vroege kerk

Veertigdagentijd in de vroege kerk

Onder ‘Veertigdagentijd’ wordt een periode van boete en inkeer verstaan die voorafgaat aan het Paasfeest.
Naam
De term ‘Veertigdagentijd’ is afgeleid van het Latijnse ‘Quadragesima’. Evenals het Griekse Tessarakostê betekent dat woord ‘veertigste’ en duidde het aanvankelijk de dag aan waarop deze periode begon, maar het werd al vroeg gebruikt voor de hele voorbereidingstijd. We vinden de term in deze betekenis voor het eerst bij Hieronymus (in een brief uit 384/5) en in het pelgrimsverslag van Egeria (ca. 381-384). De Franse benaming ‘Carême’ en het Italiaanse ‘Quaresima’ zijn van het Latijnse woord afgeleid. Het Nederlandse ‘Vastentijd’ benadrukt evenals het Duitse ‘Fastenzeit’ één belangrijk aspect van de voorbereiding, terwijl het Engelse ‘(Great) Lent’ samenhangt met het seizoen waarin de periode (op het noordelijk halfrond) valt.

Lees verder Veertigdagentijd in de vroege kerk