Als ik van de aarde opgegeven ben….

Homilie toegekend aan H. Efraïm (ca. 306-373)
diaken in Syrië, kerkleraar
Homilie

Efrem de Syriër47

“Als Ik van de aarde opgeheven ben, trek Ik allen tot Mij” (Joh12, 32)

Inmiddels zijn de schaduwen door het kruis verdwenen en de waarheid rijst op, zoals de apostel Johannes ons zegt: “De oude wereld is voorbij, Ik maak alles nieuw” (Ap 21, 4-5). De dood is afgedaan, de hel laat zijn gevangen vrij, de mens is vrij, de Heer regeert, de schepping is vol van vreugde. Het kruis overwint en alle naties, stammen, talen en volkeren (Ap 7,9) komen Hem aanbidden. Met Paulus die uitroept: “Het zij verre van mij, dat ik zou roemen, anders dan op het kruis van onze Heer Jezus Christus” (Gal 6,14), vinden wij onze vreugde in dit kruis. Het kruis geeft licht aan het gehele universum, zij verjaagt de duisternis en verzamelt de landen van het Westen, van het Oosten, van het Noorden en van de zee in één enige Kerk, één enig geloof, één doop in de liefde. Ze richt zich naar het centrum van de wereld, dat op de Calvarie ligt.

Lees verder Als ik van de aarde opgegeven ben….

Clémens van Alexandrië : weest waakzaam

H. Clemens van Alexandrië (150- ca 215)
theoloog
De Pedagoog, II, 9

“Weest waakzaam”

Gedurende de slaap moet men bereid zijn om gemakkelijk wakker te worden. De Schrift zegt immers: “Houdt uw lendenen omgord en uw lampen branCyrillus van Alexandriëdend. Wees als mensen die wachten op hun meester die terug moet komen van de bruiloft, om hem meteen bij aankomst, zodra hij aanklopt, de deur te kunnen opendoen” (Luc 12,35-36). Want de ingeslapen mens dient nergens meer voor en is gelijk aan degene die dood is. Daarom moet men vaak opstaan tijdens de nacht om God te zegenen.
Gelukkig zij die waken om Hem; ze zijn gelijk aan de engelen die wij ‘wachters noemen’. Een ingeslapen mens is niets waard, niet meer dan een mens zonder leven. Maar degene die het licht heeft, is wakker en noch de duisternis, noch de slaap, noch de schaduwen, hebben vat op hem. Hij die verlicht is, is dus wakker voor God, en hij leeft, want “door wat in hem gedaan is, is er leven” (cf Joh 1,4). “Gelukkig de mens, zegt het boek der Wijsheid, die naar me luistert en die trouw is aan mijn wegen, dag na dag waakzaam is aan mijn deur en wakend is op de drempel van mijn huis” (Spr. 8,34).
Dus, “laten wij niet slapen zoals de rest van de mensen en laten we wakker blijven en sober”, zo schrijft de Schrift. “Want zij die slapen, slapen ’s nachts, en zij die dronken worden, doen dat ’s nachts”, dat wil zeggen in de duisternis van de onwetendheid. “Maar laten wij sober blijven, wij die tot de dag behoren” (1Th 5,6-8). “Want u bent allen kinderen van het licht en van de dag; wij behoren niet aan de nacht, noch aan de duisternis” (1Th 5,5).

bron : dageliks evangelie

Chrysostomos :De oogst is overvloedig

Johannes Chrysostomos -priester te Antiochië, daarna bisschop te Constantinopel, kerkleraar
Homilie over de overvloedige oogst, 10, 2-3; PG 63, 519-521

chrysostomos 249

“De oogst is overvloedig”

Alle werk van de landarbeider resulteert natuurlijk in oogst. Hoe kon Jezus dan de oogst een werk noemen dat nog in de kinderschoenen stond? Afgoderij regeerde de gehele wereld… Overal ontucht, overspel, losbandigheid, hebzucht, diefstal, oorlog … De aarde was vervuld van zoveel kwaad! Er was nog geen enkel zaadje gezaaid. De doornen, distels en onkruiden die de aarde bedekten, waren nog niet uitgetrokken. Er was nog geen ploegvoor getrokken, nog geen pad.

Lees verder Chrysostomos :De oogst is overvloedig

Hilarius van Poitiers : Deze is waarlijk de profeet….

H. Hilarius (ca. 315-367)
bisschop van Poitiers en kerkleraar
Commentaar op het evangelie van Matteüs 14, 11 ; PL 9, 999

hilarius van Poitiers

“Deze is waarlijk de profeet, die in de wereld moet komen!”

De leerlingen zeggen dat ze slechts vijf broden en twee vissen hebben. De vijf broden betekenden dat ze nog onderworpen waren aan de vijf boeken van de Wet, en de twee vissen dat ze gevoed waren door het onderricht van de profeten en van Johannes de Doper… Dat hadden de apostelen in eerste instantie te bieden, aangezien ze nog op dat punt waren; en van daaruit is de prediking van het Evangelie vertrokken…
De Heer nam de broden en de vissen. Hij hief zijn ogen op naar de hemel, zei de zegen en brak ze. Hij dankte

Lees verder Hilarius van Poitiers : Deze is waarlijk de profeet….

Augustinus : Waar ik ben , daar zal ook mijn dienaar zijn

H. Augustinus (354-430)
bisschop van Hippo (Noord Afrika) en kerkleraar
Sermon 305

augustinus57

“Waar Ik ben, daar zal ook mijn dienaar zijn”

Broeders en zusters, uw geloof herkent de graankorrel die op de aarde gevallen is, de graankorrel die door de dood veel vrucht gedragen heeft. Uw geloof herkent Hem want Hij woont in uw hart. Geen enkele christen aarzelt te geloven wat Christus zelf gezegd heeft. Maar sinds die graankorrel eenmaal gestorven is en vrucht gedragen heeft, zijn er vele graankorrels op de aarde geworpen. De heilige Laurentius is één van hen, en wij vieren vandaag de dag dat hij gezaaid werd. Wij bezien de enorme oogst die voortgekomen is uit al die graankorrels die op aarde zijn gevallen en dat gebeuren vervult ons met vreugde, tenminste, wanneer wij, dankzij Gods genade, deelhebben aan zijn graanzolder.

Lees verder Augustinus : Waar ik ben , daar zal ook mijn dienaar zijn

Jacobus van Saroug : zich bekeren…

H. Jacobus van Saroug (ca. 449-521)
monnik en Syrisch bisschop
Gedicht

Jacobus van Saroug

Zich bekeren en terugkomen bij de Heer

Ik ga terug naar het huis van mijn Vader zoals de verloren zoon (Lc 15,18), en ik zal ontvangen worden. Zoals hij het deed, zo zal ook ik het doen: zou Hij mij niet verhoren?… Want ik ben dood door de zonde, zoals door een ziekte; richt mij weer op uit mijn neergang, opdat ik uw naam kan loven! Ik bid U, Meester van de hemel en de aarde, kom mij te hulp en toon mij mijn weg, zodat ik naar U toe ga. Leid mij naar U, Zoon van de Allerbarmhartigste, en vermeerder uw barmhartigheid. Ik zal naar U toegaan en daar zal ik mij verzadigen in de blijdschap. Maal het levenstarwe voor mij op dit uur waarop ik uitgeput ben.

Lees verder Jacobus van Saroug : zich bekeren…

Pasen

H. Gregorius van Nazianze (330-390)
bisschop en kerkleraar

Homilie voor het Paasfeest; PG 36, 624

gregorios van Nazianze

 

“Zo iemand de eerste wil zijn, dan moet hij de laatste van allen zijn”
Sommigen zijn onzeker geworden door de tekenen van het Lijden op het lichaam van Christus en vragen zich af : “Wie is die Koning der Glorie?” (Ps 23,7). Antwoord ze dat het de krachtige en machtige Christus is (v.8) in alles wat Hij altijd gedaan heeft en altijd zal doen… Laat ze de schoonheid zien van het kleed dat het lijdende lichaam van Christus draagt, dat door het Lijden mooier is geworden en omgevormd door de straling van zijn goddelijkheid. Dit glorieus kleed waarvan God het mooiste en waardigste maakt om door de wereld bemind te worden… Is Hij minder omdat

Lees verder Pasen