Roeping eerste leerlingen

14e zondag na Pinksteren

“Roeping van de eerste leerlingen

roeping eerste leerlingen4.jpg

LEZINGEN

EERSTE LEZING : 2 Kor.1,21-2,4

God zelf is het die ons samen met u in Christus bevestigt en die ons heeft gezalfd. 22Hij is het die op ons zijn zegel heeft gedrukt en ons de Geest als onderpand heeft gegeven. 23Ik roep God aan als mijn getuige: alleen om u te sparen ben ik niet naar Korinte gekomen. 24Niet alsof wij heer en meester zijn van uw geloof; in het geloof staat gij vast genoeg. Wij willen slechts bijdragen tot uw vreugde.
VAN PAULUS, door Gods wil apostel van Christus Jezus, en Timóteüs, onze broeder, aan de kerk Gods in Korinte en aan alle heiligen in geheel Achaïa. 2Genade en vrede voor u vanwege God onze Vader en de Heer Jezus Christus!
Dankzegging

3 Gezegend is God, de Vader van onze Heer Jezus Christus, de Vader vol ontferming en de God van alle vertroosting. 4Hij troost ons in al onze tegenspoed, zodat wij in staat zijn anderen te troosten in al hun noden, dankzij de troost die wij van God ontvangen.

Evangelie
Lucas 5,1-11 :

1 Op zekere dag stond Jezus aan de oever van het meer van Gennesaret, terwijl de mensen op Hem aandrongen om het woord Gods te horen 2 Hij zag nu twee boten liggen aan de oever van het meer; de vissers waren eruit gegaan en spoelden hun netten. 3 Hij stapte in een van de boten, die van Simon en vroeg hem een eindje van wal te steken. Hij ging zitten en vanuit de boot vervolgde Hij zijn onderricht aan het volk. 4 Toen Hij zijn toespraak had geëindigd, zei Hij tot Simon: ‘Vaar nu naar het diepe en gooi uw netten uit voor de vangst.’ 5 Simon antwoordde: ‘Meester, de hele nacht hebben we gezwoegd zonder iets te vangen, maar op uw woord zal ik de netten uitgooien.’ 6 Ze deden het en vingen zulk een massa vissen in hun netten,
7 dat deze dreigen te scheuren. Daarom wenkten ze hun maats in de andere boot om hen te komen helpen. Toen die gekomen waren, vulden zij de beide boten tot zinkens toe.
8 Bij het zien daarvan viel Simon Petrus Jezus te voet en zei: ‘Heer, ga van mij weg, want ik ben een zondig mens.’ 9 Ontzetting had zich meester gemaakt van hem en allen die bij hem waren vanwege de vangst die ze gedaan hadden; 10 en zo verging het ook Jakobus en Johannes, de zonen van Zebedeüs, die met Simon samenwerkten. Jezus echter sprak tot Simon: ‘Weest niet bevreesd, voortaan zult ge mensen vangen.’ 11 Ze brachten de boten aan land en lieten alles achter om Hem te volgen.

Auteur: orthodoxeinformatiebron

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s