Johannes Climakos

Vierde zondag van de Grote Vasten

van de Heilige Johannes Climakos

tekst joh climakos
Efesiërs 5, 9-19 :

5, 9 en de vrucht van het licht kan alleen maar zijn: goedheid, gerechtigheid, waarheid. 10Tracht te ontdekken wat de Heer behaagt. 11Neemt geen deel aan hun duistere en onvruchtbare praktijken, brengt ze liever aan het licht. 12Wat deze lieden in het geheim doen is te schandelijk om ook maar over te spreken. 13Alles echter wat aan het licht wordt gebracht, komt in het licht tot helderheid. 14En alles wat verhelderd wordt is zelf ‘licht’ geworden. Zo zegt ook de hymne: “Ontwaak, slaper, sta op uit de dood, en Christus’ licht zal over u stralen.” 15Let dus nauwkeurig op hoe ge u gedraagt: als verstandige mensen, niet als dwazen. 16Benut de gunstige gelegenheid, want de tijden zijn slecht. 17Daarom, weest niet onverstandig, maar tracht te begrijpen wat de Heer wil. 18Bedwelmt u niet met wijn, wat tot losbandigheid leidt, maar laat u bezielen door de Geest. 19Spreekt elkander toe in psalmen en hymnen en liederen, ingegeven door de Geest. Zingt en speelt voor de Heer van ganser harte.

Lees verder Johannes Climakos

Vasten, Gebed en Liefde

VASTEN,GEBED EN LIEFDE

De periode van de vasten, van de veertig dagen die beginnen met Vergevingszondag, kan begrepen worden als een volmaakt unieke tijd, een tijd van voorbereiding tot het jaarlijkse Pasen van de lente, en daardoor, tot het eeuwige Pasen van de ‘doortocht’ ( dit is de letterlijke betekenis van het joodse woord Pasen-Pesah), van het bederfelijk leven naar het eeuwig leven, van het halfduister naar het licht, van de ballingschap in een verre wereld, deze van de zonde, naar het visioen van het ‘van aangezicht tot aangezicht’ in het Koninkrijk. Het programma van de Vasten dat de voortdurende ascese van gans het christelijk leven, bewust en verantwoordelijk samenvat en terug in herinnering brengt, is het antwoord op de drie bekoringen welke Christus in de loop van de veertig dagen heeft ondergaan in de woestijn ,en waarin Hij niet at en honger leed (Mt.4,3).

Lees verder Vasten, Gebed en Liefde

H. Efraïm (ca. 306-373)
diaken in Syrië, kerkleraar
Homilie over de Moeder Gods 2, 93-145 ; CSCO 363 et 364, 52-53 (vert. Evangelizo)

Efrem de Syriër47

“De Machtige heeft grote dingen aan mij gedaan” (Lc 1,49)

Mijn geliefden, aanschouw Maria, en zie hoe de engel Gabriël bij haar binnenkwam en haar vraag: “Hoe zal dat gebeuren?” De dienaar van de Heilige Geest antwoordde haar: “Dat is eenvoudig voor God; voor Hem is alles eenvoudig”. Schouw hoe ze het gehoorde woord geloofde en zei: “Zie de dienstmaagd des Heren”. Op dat moment is de Heer nedergedaald op een wijze die Hij alleen kent. Hij heeft zich in beweging gezet en is gekomen zoals Hij wilde. Hij is bij haar gekomen zonder dat zij dat voelde en ze heeft Hem ontvangen zonder lijden te ondervinden. Ze droeg Degene, waarvan de wereld vervuld was, in haar als een kind. Hij is nedergedaald om het voorbeeld te zijn, dat het oude beeld van Adam vernieuwde.

Lees verder

Maria van Egypte

Heiligenleven

De heilige Maria van Egypte

Maria van egypte149.gif

De heilige Maria van Egypte. Van haar wordt een uitvoerige levensbeschrijving gelezen op de vooravond van de 5e donderdag van de Grote Vasten, geschreven door de heilige Sofronios bisschop van Jeruzalem in de 7e eeuw. Het oudste bericht wordt aangetroffen in het leven van de heilige Kyriakos (rond 500), die als eerste kluizenaar leefde in de overjordaanse woestijn. Twee van zijn leerlingen drongen eens diep in de woestijn door, en zagen de schim van een mens wegvluchten. Zij kwamen toen bij een grot waar een stem hen toeriep niet dichterbij te komen daar zij een vrouw was en geen kleren meer had. Op hun vragen noemde zij zich Maria, de grote zondares en publieke vrouw, die boete deed voor haar zonden.

Lees verder Maria van Egypte