Het kennen van God

OVER HET KENNEN VAN GOD

tekst aanwezigheid van God

‘Want Gij zijt de onzegbare, onzichtbare, ondoorgrondelijke God, de onveranderlijke Zijnde :Gij en uw eengeboren Zoon, en Uw Heilige Geest’ (uit de eucharistische canon’)Over God spreken is niet gemakkelijk. Alles wat we met het verstand kunnen begrijpen en alles wat we met onze wil kunnen bereiken of wat we met onze verbeeldingskracht kunnen voorstellen staat oneindig ver af van wat God eigenlijk is. God is het ‘niets’, de onkenbare, de duisternis. In de Bijbel vinden we voldoende uitspraken die dit verduidelijken. Zo staat er bij Isaïas : Wat hebt ge aan God gelijk kunnen maken ? Of welk beeld hebt ge dat op Hem gelijkt ? Kan de ijzergieter misschien een beeld van Hem maken ? Of kan de goudsmit Hem uitbeelden in goud of de zilversmit op bladen van zilver ?. Toen Mozes God vroeg (Ex.33,20) hem Zijn wezen te tonen zei God dan ook tot hem : ‘Gij zult mijn aangezicht niet kunnen zien, want geen mens zal mij zien en leven’. Toen de kinderen van Israël dachten God te kunnen zien, of dat zij God of de engel gezien hadden, vreesden zij daarom te sterven zoals we kunnen lezen in datzelfde boek Exodus (20,19). Met andere woorden : God is zo oneindig, ongrijpbaar, dat we dit niet zouden kunnen overleven moesten wij Hem zien. En in Psalm 39,6 lezen wij : ‘Er is niets aan Hem gelijk’. In

Lees verder Het kennen van God

H.Paulos de simpele

De heilige Paulos de simpele

                                             

paulus de eenvoudige

                        

De heilige Paulos de eenvoudige (de simpele) was een van de eerste leerlingen van de grote Antonios. Hij was een onwetende boer uit de Thebaïde‚ reeds zestig jaar oud, en eigenlijk op de vlucht omdat zijn vrouw een verder samenleven onhoudbaar maakte. Hij liep de woestijn in en kwam na acht dagen bij Antonios om zijn leerling te worden. Maar deze vond hem veel te oud, raadde hem aan naar huis terug te keren, zijn beroep te blijven uitoefenen en zich te heiligen door zich met volharding te richten op God. Daarna sloot hij zijn deur en liet hem dagenlang buiten staan zonder eten. 
Maar Paulos aanvaardde dit alles als een eenvoudig
e beproeving en hij bleef geduldig bij de deur tot Antonios na vier dagen, door de behoefte der natuur gedreven, naar buiten kwam en hem na deze geduldproef maar binnenliet. Maar hij bleef hem op de proef stellen: hij liet hem matten vlechten en die weer uithalen, hij dekte de tafel en borg dan het brood weer op, zeggend dat het kijken ernaar hun honger maar moest stillen. En toen Paulos dit alles als vanzelfsprekend aanvaardde, nam Antonios hem aan als monnik. 

Lees verder H.Paulos de simpele

kleiner worden

H. Maximilianus van Turijn (?-ca. 420)
bisschop
Sermon 99 ; PL 57, 535

maximiliaan van Turijn

“Hij moet groter worden en ik kleiner”

Terecht kan Johannes de Doper met de Heer onze Verlosser zeggen: “Hij moet groter worden, en ik kleiner” (Joh 3,30). Deze uitspraak verwerkelijkt zich op dit huidige moment: bij de geboorte van Christus verlengen de dagen zich; bij die van Johannes korten ze weer… Als de Verlosser verschijnt neemt de dag duidelijk toe; hij neemt weer af op het moment dat de laatste profeet sterft, want er staat geschreven: “De Wet en de profeten hebben geheerst tot aan Johannes” (Lc 16,16). Het was onvermijdelijk dat het naleven van de Wet verduistert op het moment dat het Evangelie begint te stralen in de duisternis; het Oude Testament wordt opgevolgd door de glorie van het Nieuwe Testament.

Lees verder kleiner worden