Ireneus van Lyon : ik zeg u : Elia is reeds gekomen

  1. Ireneus van Lyon (ca130-ca 208), bisschop, theoloog en martelaar Tegen de ketterij, III, 10-11

 

Irenaeus_of_Lyons_202.jpg“Ik zeg u: Elia is reeds gekomen”

 

      Over Johannes de Doper, lezen we bij Lucas: “Hij zal groot zijn voor het aanschijn van de Heer, en vele zonen van Israël zal hij doen omkeren naar de Heer, hun God. Hij zal uitgaan voor zijn aanschijn met de geest en kracht van Elia om voor de Heer een goed toegerust volk gereed te maken” (Lc 1,15v). Voor wie heeft hij een volk gereed gemaakt en voor welke Heer was hij groot? Ongetwijfeld voor degene die gezegd heeft, dat Johannes “meer dan een profeet” was en dat “onder wie uit vrouwen geboren zijn, niemand ontwaakt is, die groter was dan Johannes de Doper” (Mt 11,9.11). Want Johannes bereidde een volk voor, door van te voren aan zijn mede-dienstknechten de komst van de Heer aan te kondigen en door hen over bekering te prediken. Opdat zij, als de Heer komt, in staat zouden zijn om zijn vergeving te ontvangen en opdat ze bij Hem terug zouden komen, van wie ze door hun zonden en hun overtredingen verwijderd waren… Daarom, door ze terug te brengen bij hun Heer, maakte Johannes voor de Heer een goed toegerust volk gereed, in de geest en kracht van Elia…       Johannes de Evangelist heeft ons gezegd: “Een mens wordt uitgezonden van bij God, Johannes is zijn naam. Hij komt tot getuigenis: om te getuigen van het Licht… Niet hijzelf was het Licht, nee, hij moest getuigen van het Licht (Joh1,6-8). Die wegbereider, Johannes de Doper, die getuigde van het licht, werd ongetwijfeld door God gestuurd, die … had beloofd door de profeten om zijn boodschapper voor het aanschijn van zijn Zoon uit zou sturen, om voor Hem de weg gereed te maken (Mal 3,1; Mc 1,2), dat wil zeggen om te getuigen van het Licht in de geest en kracht van Elia… Juist omdat Johannes een getuige is, heeft de Heer gezegd dat hij meer is dan een profeet. Alle andere profeten hebben de komst van het licht van de Vader aangekondigd en verlangden om waardig te zijn om Degene die ze predikten te zien. Johannes heeft net als zij geprofeteerd maar hij heeft Zijn aanwezigheid gezien, hij heeft Hem aangewezen en heeft velen overtuigd om in Hem te geloven, zodat hij tegelijkertijd de plaats van een profeet en van een apostel had. Daarom heeft Christus van hem gezegd dat hij “meer dan een profeet” was.

Bron : http://www.dagelijksevangelie.org

27e zondag na pinksteren : Genezing op de sabbat

27e zondag na Pinksteren

‘Genezing op de sabbat’

 

genezing op sabbat2.jpg

Genezing op de sabbat

Lezingen

Ef.6,10-17

De wapenrusting van God [10] Ten slotte, zoek uw kracht bij de Heer en zijn almacht. [11] Trek de wapenrusting* van God aan om te kunnen standhouden tegen de listen van de duivel. [12] Want* onze strijd is niet gericht tegen vlees en bloed, maar tegen de heerschappijen, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van deze duisternis* en tegen de geesten van het kwaad in de hemelse* regionen. [13] Grijp daarom naar de wapenrusting van God om weerstand te kunnen bieden op de dag van het kwaad en staande te blijven, strijdend tot het einde. [14] Stel u op, de waarheid als een gordel om uw middel, de gerechtigheid als een pantser om uw borst, [15] de ijver voor het evangelie van de vrede als schoeisel aan uw voeten. [16] Draag steeds het schild van het geloof, waarmee u alle brandende pijlen van het kwaad kunt doven. [17] Draag ook de helm van de redding en het zwaard van de Geest, dat wil zeggen, het woord van God.

Evangelie : Lucas 13,10-17

Genezing van een kromgebogen vrouw op sabbat [10] Eens gaf Hij op sabbat onderricht in een synagoge. [11] Daar bevond zich een vrouw die al achttien jaar leed onder een geest die haar ziek maakte. Ze liep krom en was niet in staat zich op te richten. [12] Jezus zag haar en sprak haar aan. ‘Vrouw’, zei Hij, ‘u bent van uw kwaal verlost.’ [13] Hij legde haar de handen op en onmiddellijk rechtte ze haar rug, en ze prees God. [14] Geërgerd, omdat Jezus op sabbat iemand genezen had, zei de voorzitter van de synagoge tegen de menigte: ‘Zes dagen zijn er om te werken. Dan kunt u komen om u te laten genezen, niet op sabbat.’ [15] De Heer gaf hem dit antwoord: ‘Huichelaars! Ieder van u maakt toch op sabbat zijn os of ezel los van de voerbak om hem te drinken te geven? [16] Moest deze dochter* van Abraham dan op sabbat niet losgemaakt worden van de boeien waarmee de satan haar al achttien jaar geleden heeft vastgebonden?’ [17] Toen Hij dat zei stonden al zijn tegenstanders beschaamd en verheugde de hele menigte zich over alle prachtige dingen die door Hem totstandkwamen.

Basilios de Grote : Ga uit naar wegen en akkers…om mensen binnen te laten komen; want mijn huis moet vol zijn

De Goddelijke Liturgie van de Heilige Basilius (4e eeuw)  Eucharistisch gebed, 1e deel

Basilius de grote 2.jpg

Heilige Basilios

 

“Ga uit naar wegen en akkers… om mensen binnen te laten komen; want mijn huis moet vol zijn”

 

      Heilig, heilig, heilig, U bent waarlijk heilig, Heer onze God, er is geen enkele beperking aan uw grootheid: U hebt met recht en gerechtigheid over alle dingen beschikt. U hebt de mens gevormd met het slijk van deze aarde, en U hebt hem vereerd met het beeld van God zelf, U hebt hem in het Paradijs vol met heerlijkheden geplaatst en hem de onsterfelijkheid en de vreugde van eeuwige goederen beloofd, als hij zich aan de geboden hield. Maar hij heeft uw gebod overtreden, ware God, en verleid door de sluwheden van de slang werd hij slachtoffer van zijn eigen zonde, hij heeft zich aan de dood onderworpen. Door uw rechtvaardige oordeel werd hij van het Paradijs verbannen naar onze wereld, teruggestuurd naar de aarde waaruit hij getrokken werd.       Maar U regelde voor hen het heil door de nieuwe geboorte in Christus, want U hebt uw schepsel, dat U in uw goedheid had geschapen, niet voor altijd verworpen; U hebt op vele wijzen met de grootheid van uw barmhartigheid, over haar gewaakt. U hebt de profeten gestuurd, U hebt wonderen gedaan door heiligen, die U in iedere generatie aangenaam waren; U hebt de Wet gegeven om ons te redden; U hebt engelen aangesteld om over ons te waken.       Toen de volheid der tijden kwam, hebt U tot ons gesproken door uw eniggeboren Zoon, door wie U het universum hebt geschapen; Hij is de schittering van uw glorie en het beeld van uw natuur; Hij draagt alles door zijn machtige woord; Hij heeft niet zijn gelijkheid aan God opgeëist, maar de God van de eeuwigheid is op aarde verschenen, Hij heeft met de mensen geleefd, is vlees geworden door de Maagd Maria, heeft zijn toestand als slaaf aanvaard, heeft ons gebrekkig lichaam aangenomen, om ons gelijk te maken aan zijn verheerlijkt lichaam (Heb 1,2-3;Fil 2,6-7;3,21).       Aangezien door de mens de zonde in de wereld gekomen is, en door de zonde de dood, heeft uw eniggeboren Zoon, Hij die eeuwig in uw schoot was, O Vader, maar die uit een vrouw geboren is, het zich tot taak gesteld om de zonde in zijn lichaam te veroordelen, opdat zij die in Adam stierven, het leven in Christus hadden (Rm 5,12;8,3). Door in deze wereld te leven heeft Hij ons heilsvoorschriften gegeven, en heeft Hij ons afgekeerd van de vergissingen van de afgoden, en heeft ons gebracht tot het kennen van U, ware God. Daardoor heeft Hij ons voor zich gewonnen als een uitverkoren volk, een koninklijk priesterschap, een heilige natie (1P 2,9).

Uit : http://www.dagelijksevangelie.org