zondag van de orthodoxie

 

 

Eerste zondag van de vasten

ZONDAG VAN DE ORTHODOXIE

 zondag van de orthodoxie 1145.jpg

 

In de meeste plaatselijke kerken geen liturgie !

Gezamelijke liturgie in de orthodoxe kathedraal te Brussel – Stalingradlaan,34 (Nabij Zuidstation) voorgegaan door onze Metropoliet Panteleimon en Aartsbisschop Simon, omringd door priesters en diakens van alle jurisdicties

Het iconoclasme en het einde ervan

 De strijd die in de achtste en negende eeuw in Byzantium onder leiding van de keizers woedde tegen de verering van de iconen.   De achtergrond van deze strijd was drieledig. Ten eerste cultureel: een semitische huivering met betrekking tot beeld en afbeelding, die haaks stond op de Hellenistische achtergrond van veel christenen in Byzantium. Ten tweede politiek: het bevestigen van keizerlijke macht tegenover aanspraken van de kerk, patriarch en monniken. Ten derde theologisch: het oud-testamentisch verbod op het afbeelden van God en verzet tegen de ontaarding van iconenverering die in bepaalde monastieke kringen verworden was tot beeldenaanbidding. Het iconoclasme is veroordeeld op het concilie van Nicea. 

In de orthodoxe Kerk wordt het terug toestaan van de iconenverering gevierd op de 1e zondag van de vasten.

Op deze dag wordt er in Brussel om 10.00 u.een Pontificale celebratie gehouden met allen orthodoxe bisschoppen in België (van gelijk welk patriarchaat. Op het einde worden de iconen plechtig in processie de kerk rond gedragen.

 

 LEZINGEN VAN DE DAG

Hebr.11,24-26,32, 12,2

 Door het geloof heeft Mozes zelf, toen hij groot geworden was, geweigerd om door te gaan voor een zoon van de dochter van de farao.  Hij wilde liever mishandeld worden met het volk van God dan voor korte tijd profiteren van de zonde.

  En wat moet ik nog meer noemen? De tijd ontbreekt me om te verhalen van Gideon, Barak, Simson en Jefta, van David en Samuël en de profeten.

12. 2 :Kijk naar Jezus, de leidsman en voltooier van ons geloof. Omwille van de vreugde die voor Hem in het verschiet lag, heeft Hij een kruis op zich genomen en de schande niet geteld: nu zit Hij aan de rechterkant van Gods troon.

 

Evangelielezing :

Johannes 1,43-51

 Jezus roept Filippus en Natanaël

      De volgende dag, toen Hij besloten had om naar Galilea te gaan, ontmoette Hij Filippus. ‘Volg Mij’, zei Jezus tegen hem.  Filippus was afkomstig uit Betsaïda, de stad waar ook Andreas en Petrus vandaan kwamen.  Filippus ging Natanaël opzoeken en zei tegen hem: ‘Degene over wie Mozes in de Wet en ook de profeten hebben geschreven, die hebben we gevonden: Jezus, de zoon van Jozef, uit Nazaret.’  ‘Nazaret?’ zei Natanaël. ‘Kan daar iets goeds vandaan komen?’ Maar Filippus hield vol: ‘Kom mee en je zult het zien.’  Jezus zag dat Natanaël naar Hem toe kwam en zei over hem: ‘Daar heb je een echte Israëliet, in wie geen oneerlijkheid is.’  ‘Waar kent U mij van?’ vroeg Natanaël. Jezus gaf hem ten antwoord: ‘Nog voordat Filippus je kwam roepen, toen je onder de vijgenboom zat, had Ik je al gezien.’  ‘Rabbi,’ zei Natanaël, ‘U bent de Zoon van God, U bent de koning van Israël!’  Waarop Jezus zei: ‘Je gelooft dus omdat Ik zei dat Ik je gezien heb onder de vijgenboom? Je zult nog grotere dingen zien!’  En Hij voegde eraan toe: ‘Waarachtig, Ik verzeker jullie: je zult zien hoe de hemel geopend is en Gods engelen opstijgen en neerdalen boven de Mensenzoon.’

EfraIm de Syriër : God dichtbij en veraf

EFRAÏM DE SYRIËR (ca. 306 – 373):

Efraim_syyrialainen02.jpg

GOD DICHTBIJ ÉN VERAF

 

Op wonderlijke wijze bent U overal dicht bij ons;

U werkt in ons, Heer, en U blijft verborgen.

U bent daar in de hoogte en de hoogte voelt U niet;

U bent daar in de diepte en de diepte kan U niet omvatten.

  U bent ongrijpbaar als wij U zoeken.

   U bent dichtbij én veraf.

Wie kan U bereiken?

Ons denken en onze zintuigen    raken U niet:

alleen in geloof, liefde en gebed

komen wij U nader.

Gregorius van Nazianze : O Gij , alles voorbij

GREGORIUS VAN NAZIANZE (329/30 – 390):

O GIJ, ALLES VOORBIJ

 

 

Gregorios van Nazianze.jpgO Gij, alles voorbij, hoe u anders noemen? Hoe kunnen woorden u prijzen:

Gij die door geen woord te zeggen zijt. Hoe kunnen gedachten u bereiken,

Gij die door geen denken te grijpen zijt.

Gij, Enige, Onuitsprekelijke, alwat gezegd wordt komt van U.

Gij, Enige, Onkenbare, alwat gekend wordt komt van U.

Alwat spreekt en alwat niet spreekt, prijst u.

Alwat denkt en alwat niet denkt, eert u.

Hunkeringen overal, barensweeën overal, alles reikhalst naar U,

alles bidt tot U, terwijl al wat uw geheim doorgrondt een lied vol stilte zingt.

Bij U alleen blijft alles bewaard, op U hoopt alles,

Gij zijt het doel van alles

Gij zijt één Gij zijt alles Gij zijt niemand

Gij zijt geen een Gij zijt niet alles.

O Gij die alle namen draagt Hoe zal ik U noemen?

Gij Enige Onnoembare

Welke hemelgeest dringt door tot het bovenste wolkendek?

Wees mij genadig,

O Gij alles voorbij.

Hoe U anders bezingen?

 

Gevonden in: J. Streng, Voorbij het denken. Verkenningen in de westerse mystiek, Baarn 19822, pag.62-63.

heilige Lucia

Heiligenleven

De heilige Lucia

 

Lucia heilige.jpg

 

 

 

Lucia van Syracuse (volgens traditie 283-304) is een christelijke martelares, die vereerd wordt als heilige door katholieke en orthodoxe christenen. Ze is de patroonheilige van de blinden. Ze is de enige katholieke heilige die ook vereerd wordt door de lutheranen in Scandinavië, in vieringen die veel voorchristelijke elementen van een joelfeest voor de zonnewende hebben behouden.

De bekendste versie van de legende van Sint Lucia is afkomstig uit de Legenda Aurea, een verzameling heiligenlevens van de 13e-eeuwse schrijver Jacobus de Voragine. De oudst bekende versie van de legende stamt echter uit de 5e eeuw, en er mag worden aangenomen dat de legende in de 6e eeuw al wijdverspreid was. Zo wordt ze genoemd in het sacramentarium van de 6e-eeuwse paus Gregorius I. In de daaropvolgende eeuwen is haar legende onder andere opgetekend door de Britse christelijke schrijvers Adelmus en Beda.

De heiligenlevens van Sint Lucia vertonen gelijkenissen met die van Sint Agatha en staan vol met aan haar toegeschreven wonderen. De mogelijkheid dat de heiligenlevens berusten op een historisch personage wordt groot geacht. Sint Lucia komt namelijk in vrijwel alle middeleeuwse verzamelingen van heiligenlevens voor. Ook is er in de catacomben van Syracuse een graftekst van rond het jaar 400 ontdekt, die waarschijnlijk werd aangebracht als herkenningspunt voor pelgrims. Rond het jaar 600 waren er al kloosters in Syracuse en Rome aan haar gewijd.

   

Volgens de legende leefde Sint Lucia in de tijd van de christenvervolgingen door keizer Diocletianus (regeerde 284-305). Ze was de dochter van een Romeins burger in Syracuse, die haar vader op jonge leeftijd had verloren. Haar moeder, Eutychia, leed al vier jaar aan dysenterie. Beide vrouwen brachten een nacht biddend bij de tombe van de christelijke heilige Sint Agatha door, de beschermheilige van Catania. Aan het einde van de nacht verscheen de heilige voor Lucia in een visioen. De heilige voorspelde Lucia daarin dat zij de glorie van Syracuse zou worden, zoals Agatha dat van Catania was. Ook was haar moeder terstond op wonderbaarlijke wijze genezen.

 

Eutychia regelde een heidense echtgenoot voor haar dochter, maar Lucia haalde haar moeder over het huwelijk niet door te laten gaan de bruidsschat als aalmoezen onder de armen te verdelen. Lucia had echter Christus als bruidegom gekozen en wilde eeuwig maagd blijven. De beoogde echtgenoot kwam op de hoogte van het uitdelen van de bruidsschat. Hij gaf Lucia daarop als christen aan bij de magistraat Paschasius. Deze verzocht haar een offer aan de keizer te brengen, wat ze weigerde. Daarop werd ze veroordeeld tot tewerkstelling in een bordeel, maar op wonderbaarlijke wijze bleken de wachters haar niet te kunnen afvoeren, ook nadat men een ossenspan had ingezet. Daarop werd ze met zwaardsteken om het leven gebracht. De fatale wond zou zijn toegebracht door met een zwaard door haar hals te steken.

 

Een andere legende verhaalt hoe Lucia haar ogen verloor. Eén versie van dit verhaal is dat een heidense minnaar naar haar hand dong. Hij maakte haar een compliment over haar mooie ogen, waarna ze haar ogen uitstak en hem deze toezond op een schaal, met de boodschap haar verder met rust te laten. Op wonderbaarlijke wijze bleef ze echter in staat te zien. In andere versies van de legende worden haar ogen uitgestoken bij haar marteldood. Beide versies komen in heiligenlevens ouder dan de 14e eeuw niet voor en zijn daarom waarschijnlijk een latere toevoeging.

 

Relieken die aan Sint Lucia worden toegeschreven zijn over heel Europa te vinden. De 11e-eeuwse schrijver Sigebert van Gembloux meldde dat het lichaam in zijn tijd in de Saint Vincent in Metz rustte, en dat een arm naar Speyer werd overgebracht. Oorspronkelijk zou ze in Syracuse begraven zijn, de laat 4e-eeuwse grafinscriptie vormt daarvoor extra bewijs. Volgens Sigebert zou het stoffelijk overschot van Sint Lucia vier eeuwen in Syracuse gelegen hebben toen hertog Faroald II van Spoleto Sicilië veroverde en de resten van de heilige overbracht naar Corfinium (in de Abruzzen). In 972 liet keizer Otto I het lichaam overbrengen naar Metz. Tegenwoordig zijn diverse relieken verspreid over Europa te vinden, die mogelijk afkomstig zijn van dit lichaam.

 

Een alternatief verhaal, in tegenspraak dat van Sigebert, is dat het lichaam in 878, toen de islamitische Saracenen Syracuse dreigden in te nemen, naar een geheime locatie gebracht werd. In 1039 werd het door de Byzantijnse generaal Maniakes gestolen en meegenomen naar Constantinopel. Bij de inname van de stad door de kruisvaarders in 1204 werd het lichaam, samen met vele andere relieken, naar Venetië overgebracht. Daar werd het oorspronkelijk in de kerk op het eiland San Giorgio Maggiore bijgezet.

 

In 1313 werd dit gebeente overgebracht naar de aan haar gewijde kerk Santa Lucia. Toen de Santa Lucia in 1860 werd afgebroken om plaats te maken voor het gelijknamige station werd het lichaam overgebracht naar de nabijgelegen San Geremia, waar het eeuwenlang in een glazen kist lag. In 1935 liet paus Pius XI het lichaam, dat zich in opmerkelijk goede staat bevond, bedekken met een zilveren dodenmasker. In 1981 werden alle beenderen behalve het hoofd gestolen, maar kort daarna door de politie teruggevonden. In 2004 werd het lichaam kortstondig vanuit Venetië overgebracht naar Syracuse, de stad waar de heilige oorspronkelijk bijgezet zou zijn. De stad Syracuse voert een lobby om het gebeente definitief terug te krijgen.

 

In het Franse Bourges bevindt zich een hoofd dat ook aan Sint Lucia wordt toegeschreven. De Venetianen zouden het hoofd in 1513 aan De Franse koning Lodewijk XII hebben geschonken, terwijl de rest van het lichaam in Venetië achterbleef. Lodewijk XII liet het hoofd bijzetten in de kathedraal van Bourges. Volgens een ander verhaal is het hoofd in Bourges echter uit Rome overgebracht, waar het werd ondergebracht in de tijd dat het lichaam in Corfinium rustte. Ook in Metz bevindt zich echter een hoofd waarvan beweerd wordt dat het van Lucia van Syracuse is.

 

De naam Lucia is afgeleid het Latijnse lux, dat licht betekent. Dit komt terug in de naamdag 13 december, die in de oude, juliaanse kalender de kortste dag van het jaar was. Vanwege de legende over de uitgestoken ogen is Sint Lucia de beschermheilige van blinden en opticiens. Daarnaast is ze de beschermheilige van elektriciens, prostituees en zieke kinderen. Ze wordt door katholieken aangeroepen voor genezing van slechtziendheid, halspijnen, blindheid en versterkte bloedingsneigingen.

 

De oudste afbeeldingen (iconen) van Sint Lucia zijn 6e-eeuwse fresco’s uit Ravenna. Sinds de 14e eeuw wordt Sint-Lucia vaak afgebeeld met een schaal waarop een paar ogen ligt. Onder de oudste afbeeldingen waarop dit attribuut voorkomt zijn schilderingen van Pietro Lorenzetti in Florence. Francisco de Zurbarán (1598-1664) beeldde haar in Chartres af met een schaal ogen en een palmtak. De heilige wordt ook wel met een kelk of een dolk door haar nek afgebeeld.

 

In het Middellandse Zeegebied worden schelpen van het geslacht Turbo wel ogen van Sint Lucia genoemd. Volgens het volksgeloof zouden ze het boze oog afweren en geluk brengen.

 

In de geboortestad van de heilige, Syracuse, begint de viering ter ere van Sint Lucia op 12 december. Het zilveren beeld van de heilige wordt die dag uit haar kapel naar het altaar van de kathedraal verplaatst en er wordt cuccìa gegeten, een zoete Siciliaanse soep. Op de eigenlijke feestdag, 13 december, wordt het beeld in processie door de stad gedragen naar de kerk boven het graf van de heilige geplaatst. Acht dagen later volgt een processie in tegenovergestelde richting. In het zuiden en midden van Italië vieren diverse steden de dag van Sint Lucia met processies, feesten en vuurwerk.

 

In het noorden van Italië is in sommige streken een traditie ontstaan die lijkt op het Sinterklaasfeest uit Nederland en België. Sint Lucia brengt kinderen cadeaus in de nacht op 13 december, vergezeld van haar ezel en haar koetsier. Kinderen kunnen Sint Lucia een verlanglijst schrijven en laten bij het naar bed gaan sinaasappels, koekjes en rode wijn voor de heilige achter, of hooi voor de ezel. De kinderen wordt verteld vroeg naar bed te gaan omdat de heilige anders as in hun ogen komt strooien, waardoor ze verblind kunnen raken. De volgende dag zoeken de kinderen hun cadeaus, die in het huis verstopt zijn.

 

Ook in de Scandinavische landen Noorwegen, Zweden, Finland en Denemarken vormt de dag een traditionele feestdag, ondanks dat deze landen sinds de Reformatie geen grote katholieke bevolkingsgroep meer hebben. Waarschijnlijk stamt deze viering deels af van een voorchristelijke viering van de winterzonnewende. Traditioneel vormde de dag het begin van de vastentijd voor Kerstmis. Het feest wordt zowel thuis als op scholen en werkplaatsen gevierd met zoete lekkernijen en kaarslicht. Er worden optochten met fakkels of kaarsen gehouden waarin meisjes als de heilige verkleed gaan. Ook op de Faeröereilanden en op sommige plaatsen in de V.S. komt deze wijze van viering voor.

Bron : onbekend

 

zondag van de verbanning van Adam – begin van de vastentijd

 

Zondag van de verbanning van Adam

Begin van de vastentijd

verbanning van Adam.jpg

 

LEZINGEN

Rom.13,-14,4 :

Waakzaam zijn [11] U weet trouwens hoe laat het is, u weet dat het uur* om uit de slaap te ontwaken reeds is aangebroken. Nu is onze redding dichterbij dan toen wij tot het geloof kwamen. [12] De nacht loopt ten einde, de dag breekt aan. Laten wij ons dus ontdoen van de werken van de duisternis en ons toerusten met de wapens van het licht. [13] Laten wij ons behoorlijk gedragen, als op klaarlichte dag, en ons onthouden van zwelgpartijen en drinkgelagen, van ontucht en losbandigheid, van twist en nijd. [14] Bekleed u met de Heer Jezus Christus, en vertroetel* uw lichaam niet; er mogen geen begeerten worden opgewekt.Hoofdstuk 14Verdraagzaam zijn [1] Aanvaard* ieder die zwak* is in het geloof, zonder zijn opvattingen te betwisten. [2] De een is ervan overtuigd dat hij alles mag eten, terwijl een zwakke alleen maar plantaardig voedsel eet. [3] Wie vlees eet, moet iemand die dat niet doet, niet minachten; en wie geen vlees eet, moet iemand die dat wel doet, niet veroordelen; God zelf heeft die ander immers als de zijne aanvaard. [4] Wie ben jij, dat je jezelf een oordeel aanmatigt over de knecht van een ander? Of hij staat of valt, gaat alleen zijn heer aan. Hij zal trouwens staande blijven, want zijn heer is bij machte hem staande te houden.

Evangelie :

De Vader ziet in het verborgene [1] Pas op dat jullie je gerechtigheid* niet doen voor het oog van de mensen, om door hen gezien te worden. Anders wacht je geen loon bij jullie Vader in de hemel. [2] Dus wanneer je barmhartig bent, loop er dan niet mee te koop, zoals de schijnheiligen dat doen in de synagogen en op straat, om door de mensen geprezen te worden. Ik verzeker jullie, ze hebben hun loon al. [3] Maar als jij barmhartig bent, laat dan je linkerhand niet weten wat je rechter doet, [4] opdat je barmhartigheid in het verborgene* gebeurt; en je Vader, die in het verborgene ziet, zal het je lonen. [5] En wanneer je bidt, wees dan niet als de schijnheiligen; zij staan graag in de synagogen en op de hoeken van de straten te bidden, om op te vallen bij de mensen. Ik verzeker jullie, ze hebben hun loon al. [6] Maar als je bidt, ga dan je binnenkamer in, doe de deur dicht, bid tot je Vader, die in het verborgene is; en je Vader, die in het verborgene ziet, zal het je lonen. [7] Gebruik bij het bidden geen omhaal van woorden zoals de heidenen, want die menen dat ze vanwege hun talrijke woorden verhoord zullen worden. [8] Neem daar geen voorbeeld aan, want jullie Vader weet wat je nodig hebt, voordat je het Hem vraagt. [9] Jullie moeten zo bidden:

   

Onze Vader in de hemel, uw naam worde geheiligd,

 

[10]

uw koninkrijk kome, uw wil geschiede, op aarde zoals in de hemel.

 

[11]

Geef ons vandaag het nodige* brood,

 

[12]

en vergeef ons onze schulden, zoals ook wij hebben vergeven wie schulden heeft bij ons.

 

[13]

En breng ons niet in beproeving*, maar red ons van het kwaad.

[14] Want als jullie de mensen hun overtredingen vergeven, zal je hemelse Vader ook jullie vergeven. [15] Maar als jullie de mensen niet vergeven, zal je Vader jullie overtredingen ook niet vergeven. [16] Wanneer je vast, zet dan geen somber gezicht zoals de schijnheiligen, want zij vertrekken hun gezicht om met hun vasten op te vallen bij de mensen. Ik verzeker jullie, ze hebben hun loon al. [17] Maar als jij vast, zalf dan je hoofd en was je gezicht, [18] opdat het bij de mensen niet opvalt dat je vast, maar wel bij je Vader, die in het verborgene is; en je Vader, die in het verborgene ziet, zal het je lonen.Maak je geen zorgen! [19] Verzamel geen schatten op aarde, waar mot of houtworm ze aantast, en waar dieven inbreken om ze te stelen. [20] Maar verzamel schatten in de hemel, waar mot noch houtworm ze aantasten, en waar geen dieven inbreken om ze te stelen. [21] Want waar je schat is, daar zal ook je hart zijn.

BEGIN VAN DE VASTENTIJD

 

De orthodoxe Kerk staat aan de vooravond van de Grote Vasten als voorbereiding op Pasen (27 april) Zondag 9 maart is de laatste zondag van de voorvasten.Na de Goddelijke Liturgie zal de Kerk in een speciale sfeer herschapen worden : men zal er plechtig de vespers van VERGEVINGSZONDAG vieren, wij vragen aan allen vergiffenis voor onze fouten. Dit luidt officieel reeds een overgang in naar de Grote Vasten de zondag daarop. Die zondag eten de Orthodoxen ook geen vlees, omdat wij ons reeds willen aanpassen aan de grote inspanning die zeven dagen later van ons verwacht wordt.

 

Troparion van Vergevingszondag Een bittere spijze was het die Adam uit het paradijs verdreven heeft : hij weigerde om te vasten volgens het gebod van zijn Heer, en werd toen veroordeeld om de aarde, waaruit hij genomen was, met veel moeite te bewerken, en zijn brood te eten in het zweet zijns aanschijns. Laat ons daarom het vasten beminnen, opdat wij niet als Adam wenen moeten buiten het Paradijs, maar dat wij daarin mogen binnentreden.

 

Kondakion van Vergevingszondag Gids der wijsheid, Schenker van het verstand, Opvoeder der onverstandigen en Beschermer der armen, bevestig en onderricht mijn hart, o Meester. Schenk mij het woord, Gij die het Woord des Vaders zijt, want zie, mijn lippen houden niet op om tot u te roepen : Barmhartige, ontferm U mijner, die gevallen ben.

 

PR t.8 – Doet geloften aan de Heer uw God. God wordt gekend in Judea : zijn Naam is groot in Israël. ALL : Het is goed de Heer te belijden ….psalm 216 – Rom.13,11b-14,4 – Matt. 6,14-21.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

zondag van het laatste oordeel

 

ZONDAG VAN HET LAATSTE OORDEEL

 

laatste oordeel 50.jpg

 

Laatste oordeel

 

lezingen :

 

1 kor.8,8-9,2

 [8] Voedsel brengt ons niet dichter bij God; wij verliezen er niets bij als wij het niet eten, en als wij het wel eten, worden wij er niet beter van. [9] Maar zorg ervoor dat uw vrijheid van handelen de zwakken geen aanstoot geeft. [10] Als zo iemand u, die daar geestelijk boven staat, in een afgodstempel aan een maaltijd ziet deelnemen, zal hij er dan, met zijn zwakke geweten, niet toe aangezet worden om ook offervlees te gaan eten? [11] Dan gaat ten gevolge van uw beter inzicht de zwakke verloren, een broeder voor wie Christus is gestorven. [12] Door zo te zondigen tegen de broeders, en hun angstvallige geweten te kwetsen, zondigt u tegen Christus. [13] Daarom, als mijn voedsel aanstoot geeft aan mijn broeder, zal ik in eeuwigheid geen vlees meer eten, want ik wil mijn broeder geen aanstoot geven. de Heer? 9,2 Al ben ik voor anderen geen apostel, voor u toch zeker wel; want u bent in de Heer het waarmerk van mijn apostelschap

EVANGELIE : Matth.,25,31-46

 

Het oordeel van de Mensenzoon [31] Wanneer de Mensenzoon* komt, bekleed met zijn heerlijkheid en rondom Hem alle engelen, dan zal Hij plaatsnemen op de troon van zijn heerlijkheid. [32] Alle volkeren zullen vóór Hem bijeengebracht worden, en Hij zal ze van elkaar scheiden, zoals een herder de schapen van de bokken scheidt. [33] De schapen zal Hij aan zijn rechterhand opstellen, de bokken aan zijn linkerhand. [34] Dan zal de koning tegen hen die aan zijn rechterhand staan zeggen: “Kom, gezegenden van mijn Vader, neem het koninkrijk in bezit dat vanaf het begin van de schepping voor jullie klaar ligt. [35] Want Ik had honger en jullie hebben Me te eten gegeven, Ik had dorst en jullie hebben Me te drinken gegeven, Ik was vreemdeling en jullie hebben Me opgenomen. [36] Ik was naakt en jullie hebben Me gekleed, Ik was ziek en jullie hebben naar Me omgezien, Ik zat in de gevangenis en jullie kwamen naar Me toe.” [37] Dan zullen de rechtvaardigen Hem antwoorden: “Heer, wanneer hebben we U hongerig gezien en U te eten gegeven, of dorstig en U te drinken gegeven? [38] Wanneer hebben we U als vreemdeling gezien en U opgenomen, of naakt en hebben we U gekleed? [39] Wanneer hebben we U ziek of in de gevangenis gezien en zijn we naar U toe gekomen?” [40] De koning zal hun antwoorden: “Ik verzeker jullie, alles wat je voor één van deze minste broeders van Mij hebt gedaan, heb je voor Mij gedaan.” [41] Dan zal Hij zich ook richten tot hen die aan zijn linkerhand staan en tegen hen zal Hij zeggen: “Ga weg van Mij, vervloekten, naar het eeuwige vuur, dat aangelegd is voor de duivel en zijn engelen. [42] Want Ik had honger en jullie hebben Me niet te eten gegeven, Ik had dorst en jullie hebben Me niet te drinken gegeven, [43] Ik was vreemdeling en jullie hebben Me niet opgenomen, Ik was naakt en jullie hebben Me niet gekleed, Ik was ziek en zat in de gevangenis en jullie hebben niet naar Me omgezien.” [44] Dan zullen ook zij antwoorden: “Heer, wanneer hebben we U hongerig gezien of dorstig of als vreemdeling of naakt of ziek of in de gevangenis en hebben we U niet geholpen?” [45] Dan zal Hij hun antwoorden: “Ik verzeker jullie, alles wat je niet voor één van deze minsten hebt gedaan, heb je ook niet voor Mij gedaan.” [46] Zij zullen naar de eeuwige straf gaan, maar de rechtvaardigen naar het eeuwig leven.’

Clemens van Alexandrië : De nieuwe wet staat in het hart van de mensen geschreven

 

H. Clemens van Alexandrië (150- ca 215), theoloog De Pedagoog, III 89, 94, 98-99

De nieuwe wet staat in het hart van de mensen geschreven

 

Wij hebben de tien geboden, die door Mozes zijn gegeven… en alles wat het lezen van heilige boeken ons aanraadt, waarvan Jesaja ons heeft overgebracht: “Was u, reinig u, haal uw boze daden uit mijn ogen weg. Leer om het goede te doen, zoek wat rechtvaardig is; verdedig de onderdrukte, de weduwe en de wees, kom toch en laat ons samen spreken, zegt de Heer” (Jes 1,16v)… Maar we hebben ook de wetten van het Woord, het Woord van God, de woorden die bemoedigen die niet door de vinger van de Heer op stenen tafelen zijn geschreven (Ex 24,12), maar in het hart van mensen is geschreven (2Kor 3,3)… Deze twee wetten hebben het Woord gediend voor de opvoeding van de mensheid, eerst dclement_alexandria.jpgoor de mond van Mozes, vervolgens door die van de apostelen… Maar we hebben een meester nodig om deze heilige woorden uit te leggen…; Hij zal ons de woorden van God onderrichten. De kerk is onze school; onze enige Meester is de Bruidegom, de goede wil van de goede Vader, de oorspronkelijke wijsheid, de heiligheid van de kennis. “Hij is de verzoening voor onze zonden”, zegt Johannes (1Joh 2,2), Hij geneest onze lichamen en onze zielen, de hele mens, Hij, Jezus, die niet alleen de verzoening voor onze zonden is, maar ook voor die van de hele wereld. Hieraan kunnen we weten dat we Hem kennen: dat is door ons aan de geboden te houden” (v.3)… “Wie zegt dat hij in Hem blijft, behoort ook zelf zo te wandelen als Hij, Jezus, gewandeld heeft” (v.6). Wij zijn de leerlingen van deze gelukzalige opvoeding, laten we het mooie gelaat van de Kerk voltooien en laten we ons als kinderen naar deze moeder vol goedheid haasten. Laten we luisteren naar het Woord van God; laten we de zalige gidsende voorschriften van deze Leraar, verheerlijken en Hij zal ons als kinderen van God heiligen. Wij zullen hemelbewoners zijn, als we leerlingen van deze Leraar zijn op aarde, en daarboven zullen we alles begrijpen wat Hij ons leert over de Vader.

www.dagelijksevangelie.org