Cyrillus van Jeruzalem : “Hij stond op, liet alles achter, en volgde Hem”

Heilige Cyrillus van Jeruzalem (313-350), bisschop van Jeruzalem en Kerkleraar
Catechese met het oog op de doop, nr 1

cyrillus of jerusalem245.jpg

Cyrillus van Jeruzalem

 

“Hij stond op, liet alles achter, en volgde Hem”, de veertigdagentijd leidt naar de doop

      U bent catechisanten als u op weg bent naar de doop, leerlingen van hetNieuwe Verbond en deelnemers aan de mysteriën van Christus, al door de oproepen weldra ook door de genade. U hebt voor uzelf “een nieuw hart en een nieuwegeest” gemaakt (Ez 18,31), voor de vreugde van de hemelbewoners. Als immers,volgens het Evangelie, de bekering van een enkele zondaar deze vreugde oproept(Lc 15,7), hoeveel te meer dan het heil van zoveel zielen die Hij nietaanspoort tot de vreugde van de hemelbewoners?

      U hebt een erg mooie en goede reis ondernomen: leg u toe om ijverig tezijn. De enige Zoon van God is helemaal klaar om u vrij te kopen: “Kom, zegthij, allen die vermoeid zijn en onder lasten gebukt gaan, ik zal jullie rustgeven” (Mt 11,28). U die zwicht voor de zonde, gebonden door de banden van uwfouten, luister naar wat de stem van een profeet zegt: “Was u, reinig u;verwijder uw slechte handelingen voor mijn ogen” (Jes 1,16), opdat het hartvan de engelen tot u roept: “Zalig zij van wie de fout vergeven is, en van wiede zonden vergeven zijn!” (Ps 32,1) U die zojuist de lampen van het geloofkomt aansteken, dat uw snelle handen de vlam bewaken opdat degene die, op onzeheilige berg van Golgotha, door het geloof het paradijs geopend heeft voor degoede moordenaar (Lc 23,43), ons toestaat om het lied van de bruiloft tezingen.

  Als er iemand is die slaaf is van de zonde, dat hij zich door middel vande doop voorbereid voor de nieuwe geboorte die van hem een vrij mens zalmaken, een van de aangenomen kinderen. Dat hij de ellendige slavernij van zijnzonde achter zich laat om de zalige slavernij van de Heer te verwerven…Ontvang het geloof, de “eerste gaven van de heilige Geest” (2Kor 5,5) om in deeeuwige verblijven te worden ontvangen; kom naar het sacrament die u zalkenmerken met het familie worden van de Meester.

 

Bron:Dagelijksevangelie www.evangelizo.org

VERGEVINGSZONDAG

 

Begin van de Grote Vasten

 “Van de verbanning van Adam”

VERGEVINGSZONDAG

Laatste zondag van de voorvasten

 

 adam uitwijziging uit paradijs 4e zondag pre-vasten.jpg

 Adam en Eva : uitdrijving uit het Paradijs

 

 

 

LEZINGEN

Romeinen : 13,11-14,4:

Waakzaam zijn
U weet trouwens hoe laat het is, u weet dat het uu om uit de slaap te ontwaken reeds is aangebroken. Nu is onze redding dichterbij dan toen wij tot het geloof kwamen. De nacht loopt ten einde, de dag breekt aan. Laten wij ons dus ontdoen van de werken van de duisternis en ons toerusten met de wapens van het licht. Laten wij ons behoorlijk gedragen, als op klaarlichte dag, en ons onthouden van zwelgpartijen en drinkgelagen, van ontucht en losbandigheid, van twist en nijd. Bekleed u met de Heer Jezus Christus, en vertroetel uw lichaam niet; er mogen geen begeerten worden opgewekt.
Hoofdstuk 14

Verdraagzaam zijn
Aanvaard ieder die zwak is in het geloof, zonder zijn opvattingen te betwisten. De een is ervan overtuigd dat hij alles mag eten, terwijl een zwakke alleen maar plantaardig voedsel eet. Wie vlees eet, moet iemand die dat niet doet, niet minachten; en wie geen vlees eet, moet iemand die dat wel doet, niet veroordelen; God zelf heeft die ander immers als de zijne aanvaard. Wie ben jij, dat je jezelf een oordeel aanmatigt over de knecht van een ander? Of hij staat of valt, gaat alleen zijn heer aan. Hij zal trouwens staande blijven, want zijn heer is bij machte hem staande te houden.

Evangelie :

Mattheüs 6,14-21:

Want als jullie de mensen hun overtredingen vergeven, zal je hemelse Vader ook jullie vergeven. Maar als jullie de mensen niet vergeven, zal je Vader jullie overtredingen ook niet vergeven.
Wanneer je vast, zet dan geen somber gezicht zoals de schijnheiligen, want zij vertrekken hun gezicht om met hun vasten op te vallen bij de mensen. Ik verzeker jullie, ze hebben hun loon al. Maar als jij vast, zalf dan je hoofd en was je gezicht, opdat het bij de mensen niet opvalt dat je vast, maar wel bij je Vader, die in het verborgene is; en je Vader, die in het verborgene ziet, zal het je lonen.
Maak je geen zorgen!

Verzamel geen schatten op aarde, waar mot of houtworm ze aantast, en waar dieven inbreken om ze te stelen. Maar verzamel schatten in de hemel, waar mot noch houtworm ze aantasten, en waar geen dieven inbreken om ze te stelen. Want waar je schat is, daar zal ook je hart zijn.

Het triodium van de Grote Vasten

Het triodium van de Grote Vasten

Liturgische bemerkingen

De maandag die volgt op de Zondag van de onthouding van melk is de eerste dag van de Grote Vasten. Gedurende 40 dagen nodigt de Kerk ons uit om ons voor te bereiden op de tijd van de Passie en de tijd van Pasen.

1 – DE VASTEN

Men kan de vraag naar het vasten van voedsel negeren of het lichtzinnig opvatten. Nochtans heeft het vasten een daadwerkelijke spirituele waarde. Want de vasten is een “zich beschikbaar stellen” voor Christus en Zijn Woord. Maar men mag het vasten niet alleen beperken tot het zich onthouden van voedsel. De vasten moet ons vooral helpen om onze daden , onze gedachten, onze woorden beter te controleren. Om onze aandacht meer te richten op de eisen van de Heer, om ons terug te brengen tot onze ware dimensies opdat onze naaste wordt verhoogd. De vasten is een “geheel” waarvan men de innerlijke en uiterlijke aspecten niet mag scheiden, maar waarvan de eerste de meest belangrijke zijn.

2 – DE EUCHARISTISCHE LITURGIEëN

A – In de week

Volgens ons gebruik zijn op de dagen dat er gevast wordt ( ’t is te zeggen alle dagen van de Vasten, uitgezonderd de zaterdag en de zondag) geen celebraties van de Goddelijke Liturgie en dit als teken van berouw. Om de gelovigen toch toe te staan om tot de heilige Communie te naderen, worden de heilige gaven zorgvuldig bewaard na de Liturgie van de Zondag en worden op woensdag en vrijdag aan de gelovigen uitgedeeld in wat wordt genoemd de Liturgie van de Voorafgewijde gaven, ’t is te zeggen, waar de Heilige Gaven worden genut die vooraf werden geconsacreerd Deze Liturgie van de Voorafgewijde gaven, die in feite een vesperdienst is gevolgd door de communie, bevat zelf geen eucharistische consecratie. Op zaterdag celebreert men de Goddelijke Liturgie van de Heilige Johannes Chrysostomos.

B – De Zondag

Gedurende de vasten viert men de liturgie van de Heilige Basilios de Grote in plaats van deze van de Heilige Johannes Chrysostomos.

Deze Liturgie wordt in onze Kerk tien maal per jaar gecelebreerd, en wel als volgt :

-De 5 eerste Zondagen van de Vasten

– Op Witte Donderdag, en Paaszaterdag

– Op de vooravond van kerstmis en van Epiphanie ( maar indien deze feesten vallen op een zondag of een maandag, dan zal de Liturgie van de Heilige Basilios plaats vinden op de dag zelf van het feest)

– de eerste januari, feest van de heilige Basilius

3 – DE GROTE COMPLETEN

Het is het laatste van de officies van de dag die men de maandag, de dinsdag, de woensdag en de donderdag van de Grote Vasten opzegt.

In dit officie leest men een groot bijbels gebed van berouw, dit van Manasse, koning van Juda

4 – DE GROTE CANON VAN DE HEILIGE ANDREAS VAN CRETA

Het wordt in delen gelezen in de Grote completen, de maandag, de dinsdag, de woensdag en de donderdag van de eerste week van de Vasten, en integraal de woensdag avond van de vijfde week. Het is een groot gedicht van 250 strofen, verdeeld in 9 odes.

5 – DE HYMNE VAN DE ACATHIST

Het is een lang gedicht van lofprijzing aan de heilige Maagd Maria, die 24 strofen bevat, die gerangschikt zijn in alfabetische orde en verdeeld in vier delen. De vier eerste vrijdagen van de vasten leest men er een deel in van de avond tijdens de completen. De vijfde vrijdag leest men gans de hymne. Het officie heet “acathist”, want men zingt het rechtstaand.(Letterlijk is het een hymne gedurende de zang waarin men niet zit)

In 626 bezetten de Avaren en de Perzen Constantinopel waarvan de Keizer Héraclitus was. De clerus en het volk zouden de ganse nacht in gebed hebben doorgebracht terwijl ze deze hymne aan de heilige Maagd zongen. En de stad werd gered. Men voegde daarbij de herinnering aan twee andere bevrijdingen van Constantinopel, wanneer de stad zich had te verdedigen tegen de Arabieren in 677 en 717. De auteur van de hymne zou voor de ene Patriarch Serge van Constantinopel geweest zijn, voor anderen dan weer zijn archivaris, Georges le Pisside.

6 – DE EERSTE ZATERDAG VAN DE VASTEN

Wij herdenken het mirakel van de kolivia van St. Théodoros de Rekruut, die stierf als martelaar in de 4e eeuw van ons tijdperk. Zie hier hoe het mirakel had plaatsgevonden : Julien de afvallige had het bevel gegeven om de producten die reeds aan de afgoden waren gegeven en verontreinigd waren door het bloed van de slachtoffers, op de markt te verkopen. De heilige martelaar verscheen aan de Patriarch van Constantinopel Eudoxius om de chistenen te vermanen zich slechts te voeden met kolivia, korenharen gekookt in water en gekruid met suiker, en die we nog nuttigen wanneer wij een requiem celebreren

Joh.Chrysostomos : “De hondjes onder de tafel eten toch ook van de kruimels van dekinderen”

Chrysostomos , onbekend [1600x1200].gif

Heilige Johannes Chrysostomos

 

H. Johannes Chrysostomos (ca. 345-407), bisschop van Antiochië, daarna vanConstantinopel, Kerkleraar
Homilie over het evangelie van Matteus, nr 52, § 2 ; PG 58, 520

“De hondjes onder de tafel eten toch ook van de kruimels van dekinderen”

      Toen Jezus de Kananese vrouw naderde, zei ze slechts deze woorden:”Ontferm U over mij” (Mt 15,22) en deze herhaalde roep trok veel mensen aan.Het was een indrukwekkend schouwspel om een vrouw te zien roepen met zoveelemotie, een moeder smeekte voor haar dochter, een kind dat zo hard aangepaktwerd… Ze zei niet: “Ontferm U over mijn dochter” maar “Ontferm U over mij”.”Mijn dochter weet niet van haar kwaad; ik daarentegen, ervaar duizendenpijnen, ik ben er ziek van om haar in zo’n staat te ervaren, ik word bijna gekom haar zo te zien”…

      Jezus antwoordt haar: “Ik ben slechts gezonden om de verloren schapenvan het huis van Israel te zoeken”  (Mt 15,24). Wat doet de Kananese na dezewoorden gehoord te hebben? Gaat ze in stilte weg? Verliest ze de moed? Nietsvan dat alles! Ze dringt nog meer aan. Wij doen dat niet: als we niet verhoordworden, dan trekken we ons ontmoedigd terug, terwijl het juist nodig is omvurig aan te dringen. Maar wie zou niet ontmoedigd worden van de antwoord vanJezus? Zijn stilte zou niet voldoende moeten zijn om ons de hoop weg te latennemen… Maar deze vrouw verliest de moed niet, ze komt daarentegendichterbij, buigt en zegt: Heer, kom mij te hulp”  (v. 25)… Als ik eenhondje in dit huis ben, dan ben ik geen vreemde. Ik weet best dat de voedingvoor de kinderen is…, maar verbied niet om de kruimels te geven. Men moet zemij niet weigeren…, want ik ben het hondje dat men niet weg kan drukken”.

      Hij had dit antwoord verwacht, dat maakte dat Christus het uitstelde omhaar gebed te verhoren… Zijn antwoorden waren niet bedoeld om de vrouwverdriet te doen, maar om de verborgen schat te openbaren.

Bron:Dagelijksevangelie www.evangelizo.org

Heiligenleven:De heilige Nina (o) van Georgië

Heiligenleven

De heilige Nina (o) van Georgië

 

 

Nina heilige 1.jpg

 

Heilige Nina(o)

 

De heilige Nina de Apostel-gelijke Verlichtster van grusië (tot 1801 een zelfstandig rijk ten zuiden van de Kaukasus, ook wel Iberië genaamd, en nu de Russische staat Georgië, de hoofdstad is Tiflis of Tbilis). Tijdens de verwarring der vervolgingen was haar vader, een romeins generaal, als kluizenaar gaan leven in de woestijn van Kappadocië. Haar moeder werd geheel in beslag genomen door haar werk als diakones bij haar broer, de patriarch van Jeruzalem. Zo werd Nina opgevoed door een vrome oudere vrouw, afkomstig uit het toen nog heidense Grusië. Door de verhalen die deze haar deed, ontwaakte in Nina al vroeg het verlangen om naar het verre land te gaan en daar het Evangelie te verkondigen, maar hoe zou een onbemiddeld meisje daar zelfs maar komen ? Toch werd deze droom een werkelijkheid. Toen de vervolging onder Diokletiaan weer opvlamde, moest zij de vlucht nemen, en gesterkt door een visioen van de Moeder Gods trok zij steeds verder tot zij inderdaad in Grusië belandde. Zij vond daar onderdak bij een der verzorgsters van de Koninklijke wijngaard en won aller harten door haar liefderijke zorg voor zieken en lijdenden uit de omgeving. Zij had een uit twee gedroogde wijnranken samengebonden kruis, en met dat kruis in de hand sprak zij met veel overtuigingskracht over de Schepper van hemel en aarde, en over het verlossingswerk door Zijn Zoon, Jezus Christus. Die Zich had laten kruisigen uit liefde voor ons. Haar faam drong door tot koning Mirian, die eveneens tot het geloof kwam. Deze ontbood geloofsverkondigers uit Constantinopel en begon reeds aan de bouw van de eerste kerk in Grusië, gewijd aan de heilige Apostelen.

Toen Nina stierf in 337, na een verblijf van 35 jaar, was het land vrijwel geheel christen geworden. Het wijnrankenkruis waarmee zij haar prediking begon, wordt nog steeds als een kostbare schat bewaard in de kathedraal van Tiflis.

Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. Orthodox klooster Den Haag

Zondag van het laatste oordeel

 

ZONDAG VAN HET LAATSTE OORDEEL

 

laatste_oordeel1.jpg

Laatste oordeel

 

lezingen

 

1 kor.8,8-9,2

 [8] Voedsel brengt ons niet dichter bij God; wij verliezen er niets bij als wij het niet eten, en als wij het wel eten, worden wij er niet beter van. [9] Maar zorg ervoor dat uw vrijheid van handelen de zwakken geen aanstoot geeft. [10] Als zo iemand u, die daar geestelijk boven staat, in een afgodstempel aan een maaltijd ziet deelnemen, zal hij er dan, met zijn zwakke geweten, niet toe aangezet worden om ook offervlees te gaan eten? [11] Dan gaat ten gevolge van uw beter inzicht de zwakke verloren, een broeder voor wie Christus is gestorven. [12] Door zo te zondigen tegen de broeders, en hun angstvallige geweten te kwetsen, zondigt u tegen Christus. [13] Daarom, als mijn voedsel aanstoot geeft aan mijn broeder, zal ik in eeuwigheid geen vlees meer eten, want ik wil mijn broeder geen aanstoot geven. de Heer? 9,2 Al ben ik voor anderen geen apostel, voor u toch zeker wel; want u bent in de Heer het waarmerk van mijn apostelschap

EVANGELIE : Matth.,25,31-46

 

Het oordeel van de Mensenzoon
[31] Wanneer de Mensenzoon* komt, bekleed met zijn heerlijkheid en rondom Hem alle engelen, dan zal Hij plaatsnemen op de troon van zijn heerlijkheid. [32] Alle volkeren zullen vóór Hem bijeengebracht worden, en Hij zal ze van elkaar scheiden, zoals een herder de schapen van de bokken scheidt. [33] De schapen zal Hij aan zijn rechterhand opstellen, de bokken aan zijn linkerhand. [34] Dan zal de koning tegen hen die aan zijn rechterhand staan zeggen: “Kom, gezegenden van mijn Vader, neem het koninkrijk in bezit dat vanaf het begin van de schepping voor jullie klaar ligt. [35] Want Ik had honger en jullie hebben Me te eten gegeven, Ik had dorst en jullie hebben Me te drinken gegeven, Ik was vreemdeling en jullie hebben Me opgenomen. [36] Ik was naakt en jullie hebben Me gekleed, Ik was ziek en jullie hebben naar Me omgezien, Ik zat in de gevangenis en jullie kwamen naar Me toe.” [37] Dan zullen de rechtvaardigen Hem antwoorden: “Heer, wanneer hebben we U hongerig gezien en U te eten gegeven, of dorstig en U te drinken gegeven? [38] Wanneer hebben we U als vreemdeling gezien en U opgenomen, of naakt en hebben we U gekleed? [39] Wanneer hebben we U ziek of in de gevangenis gezien en zijn we naar U toe gekomen?” [40] De koning zal hun antwoorden: “Ik verzeker jullie, alles wat je voor één van deze minste broeders van Mij hebt gedaan, heb je voor Mij gedaan.” [41] Dan zal Hij zich ook richten tot hen die aan zijn linkerhand staan en tegen hen zal Hij zeggen: “Ga weg van Mij, vervloekten, naar het eeuwige vuur, dat aangelegd is voor de duivel en zijn engelen. [42] Want Ik had honger en jullie hebben Me niet te eten gegeven, Ik had dorst en jullie hebben Me niet te drinken gegeven, [43] Ik was vreemdeling en jullie hebben Me niet opgenomen, Ik was naakt en jullie hebben Me niet gekleed, Ik was ziek en zat in de gevangenis en jullie hebben niet naar Me omgezien.” [44] Dan zullen ook zij antwoorden: “He
er, wanneer hebben we U hongerig gezien of dorstig of als vreemdeling of naakt of ziek of in de gevangenis en hebben we U niet geholpen?”
[45] Dan zal Hij hun antwoorden: “Ik verzeker jullie, alles wat je niet voor één van deze minsten hebt gedaan, heb je ook niet voor Mij gedaan.” [46] Zij zullen naar de eeuwige straf gaan, maar de rechtvaardigen naar het eeuwig leven.’

 

‘Wij verklaren ons solidair met allen die lijden onder discriminatie, geweld en vervolging’

‘Wij verklaren ons solidair met allen die lijden onder discriminatie, geweld en vervolging’

Boodschap van de synaxe van primaten van de orthodoxe kerken in het Midden Oosten

Het is met een boodschap van waarheid en hoop dat de primaten van de orthodoxe Kerken van de oude stichting, waarvan het territorium zich uitstrekt over de landen van het Midden Oosten hun topbijeenkomst hebben besloten (synaxe) die plaats vond in de Phanar, zetel van het oecumenisch patriarchaat, te Istambul (oude Constantinopel), van 1 tot 3 september laatstleden. De belangrijkste thema’s waren de politieke en sociale crisis die sedert het begin van dit jaar is begonnen in verschillende regio’s van het land, en het gevaar dat dit kan meebrengen voor het leven van de christelijke gemeenschappen die sterk verzwakt zijn in deze regio als gevolg van de gestegen persoonlijke sentimenten en de onverdraagzaamheid. Deze boodschap drukt de bezorgdheid uit van de orthodoxe Kerken voor de evolutie van de situatie in het Midden Oosten en ze doet een beroep op de religieuze en politieke verantwoordelijken van deze regio, maar ook op diegenen in de gehele wereld, tot dialoog, respect , vrijheid en de rechten van de volkeren alsook voor de bescherming van het leefmilieu.

De primaten van de oude orthodoxe patriarchaten en de autocefale Kerk van Chyprus aan de volheid van hun Kerken en aan alle mensen van goede wil !

Beste broeders en zusters in Christus, verheug u ten allen tijde in de Heer

Wij zeggen dank aan God op elk moment, voor u allen, wanneer wij u gedenken in onze gebeden. Wij brengen zonder ophouden in tegenwoordigheid van onze God en Vader, de kracht van uw geloof in herinnering alsook het liefdeswerk, de bestendigheid van uw hoop, die het werk zijn van onze Heer Jezus Christus (1 Th.1,2-3)

Daartoe uitgenodigd door het woord van de apostel Paulus, volgens hetwelke in de Kerk van Christus : ‘indien één lid lijdt, alle leden deelhebben aan zijn lijden; indien één lid verheerlijkt wordt, alle leden delen in zijn vreugde’ (1 Cor.12,26). Wij zijn daarom verenigd in de historische zetel van het oecumenisch patriarchaat, op uitnodiging en in de aanwezigheid van de eerste onder ons in rang en eer, opdat wij de liefde van Christus die ons bindt zouden beleven in alle tijden en vooral in de tijden van beproeving en lijden.

De christelijke wortels van het Midden Oosten

Aan ons, die de verantwoordelijkheid werd toevertrouwd van het bestuur en de pastorale leiding van de historisch gezien oudste Kerken, gesticht door de apostelen van Christus en als autocefaal erkend door de oecumenische concilies van de ene en ondeelbare Kerk, zijn wij hier verenigd om weer aan te knopen met het oude gebruik van dergelijke bijeenkomsten alsook om een uitwisseling van opinies te houden in de liefde en de wederzijdse ondersteuning, rekening houdend met de recente gebeurtenissen in de geografische plaatsen waarin het de Goddelijke Voorzienigheid heeft behaagd onze Kerken te doen groeien sedert de verst achterons liggende tijden.

De Kerk van Christus, als historische realiteit, is ontstaan door de wil van de goddelijke Voorzienigheid, in het gebied genaamd Midden Oosten. Haar stichter en het fundament is Onze Heer Jezus Christus, geboren te Bethlehem in Judea (Mt 2,1). Het is op deze plaats dat Hij zijn twaalf leerlingen en apostelen heeft gekozen. Hij heeft hen het bevel gegeven om allereerst zijn evangelie te prediken in deze regio (Mt10,6), waar hij vervolgens geleden heeft en is verrezen, en waar de eerste Kerk werd gesticht, deze van Jeruzalem, vanwaar zijn apostelen zijn uitgegaan om zijn leer ‘aan alle natiën’ te verkondigen (Mt.28,19). Het is in deze regio dat de eerste grote centra van het christianisme – de kerken van Alexandrië, Antiochië, van Jeruzalem en van Chyprus – zijn gesticht en vruchten hebben gedragen, en waar het geheel van het ene en ondeelbare kerk systeem werd ingesteld.

De toekomst van de christenen van het Oosten bedreigd

Het is in deze streken dat de Kerk van Christus, en meer in het bijzonder de heilige orthodoxe Kerk haar meest intense wortels heeft. Deze streken zijn geheiligd door het bloed van de martelaren die ten onder zijn gegaan voor de verdediging van het orthodoxe geloof, en door de tranen van de heilige en eerbiedwaardige Vaders die uitblonken in ascese. Niemand heeft het recht dit te ontkennen, en de machten van deze wereld, wie ze ook zijn, moeten met respect dit feit erkennen. De christenen van de orthodoxe Kerken van het Midden Oosten leven in deze regio sedert eeuwen en geen enkele ‘etnische zuivering’ of ‘religieuze zuiveringsactie’ kan zich ertegen verzetten of, in elk geval, hun vrije bestaan of activiteit verhinderen zonder de meest elementaire mensenrechten te schenden .

Conform het bijbelse principe, volgens hetwelke ‘aan de heer is de aarde en allen die er wonen'(Ps.23,1). De orthodoxe Kerk heeft nooit verhinderd om met personen van een andere religieuze overtuiging vreedzaam samen te leven in deze regio. Zelfs als de aarde waarop zij sedert eeuwen leefden door middel van macht zijn veroverd door andere religies. De orthodoxe Kerk heeft de middelen gevonden om zich aan te passen en vreedzaam samen te leven met de gelovigen van deze andere religies. De religieuze onverdraagzaamheid is nooit een karaktertrek geweest van de orthodoxie.

Ongelukkiglijk groeit in ons tijdperk de angst voor de ander, van hen die verschillend zijn , en word intenser. De christenen, vooral diegenen die leven in de territoria van het Midden Oosten, riskeren het slachtoffer te worden van deze situatie. In vele gevallen worden de christenen gezien als ‘tweederangsburgers’. In andere gevallen, worden heel wat cultusplaatsen, waaronder vele historische en culturele monumenten geprofaneerd, zelfs verwoest, beperkingen worden opgelegd voor wat betreft de liturgische celebraties en de pastorale vorming van de klerus. daarbij voegen zich nog de tijdelijke gewelddadige acties tegen de chistelijke gemeenschappen tot de moord toe van sommige van hun leden door fanatici die voortkomen uit extremistische religieuze kringen. Wel te verstaan, het spreekt vanzelf dat de christenen zelf, waar ze zich ook bevinden, de plicht hebben om de cultusplaatsen van de andere confessionele gemeenschappen te respecteren.

Intensiveren van de dialoog van verzoening

Wij, orthodoxe christenen, wij geloven in de Schrift, die zegt dat ‘de volmaakte liefde de vrees bant’ (1 Jn 4,18). Wij hebben geen schrik van anderen, welke ook hun geloof is. Wij geven hen een accolade als een broeder en verwachten van hen hetzelfde. Terzelfdertijd hebben wij niet opgehouden bescherming te vragen waar wij recht op hebben van de kant van de staten waar wij leven. Wij hebben de overtuiging dat het hier gaat over de best mogelijke oplossing van de problemen van het Midden Oosten die zoveel lijdt, zoals aan diegenen van de rest van de wereld.

Daarom moeten wij de dialoog versterken zowel op het interchristelijk niveau als op het interreligieuze. Het oecumenisch patriarchaat voert reeds vele jaren een interreligieuze dialoog van dit type met de andere monotheistische religies, als toepassing van de beslissingen van de 3e panorthodoxe préconciliaire consultatie (1986). Wij drukken onze goedkeuring en onze steun uit voor dit initiatief, vooral in deze moeilijke tijden, nu het geweld de regio teistert (van het Midden Oosten), waar het bevel tot liefde en de boodschap van vrede voor de eerste maal weerklinkt.

“Wij begrijpen het verlangen van de volkeren die politieke vrijheid en de verdediging van de rechten van de mens vragen”

Ons richtend tot de politieke en religieuze leiders van het Midden Oosten en de ganse wereld, roepen wij hen op om pricipes en condities te scheppen ten voordele van de vreedzame coëxistentie tussen de verschillende religieuze tradities. Terzelfdertijd verklaren wij ons solidair met allen die lijden onder discriminatie, geweld of vervolging. Wij voelen mee met het lijden van onze broeders die geweld moeten ondergaan, met het lijden van onschuldige slachtoffers die getroffen worden door gewapende conflicten, met het lijden van vele mannen en vrouwen die gedwongen worden hun heimat te verlaten en de bittere weg moeten gaan van de ballingschap. Wij begrijpen het verlangen van de volkeren die politieke vrijheid vragen en de verdediging van de rechten van de mens, en wij roepen de betreffende regeringen op om zonder tanen de verzekering te geven dat deze rechten worden gerespecteerd.

De Kerk komt niet tussen in politieke zaken, zij ‘geeft aan Caesar wat van Caesar is en aan God wat van God is’ (Mt 22,21). De politiek, die een middel is om de problemen van de mensen op te lossen, maakt deel uit van een andere sfeer die niet die is van de Kerk, de Kerk heeft hiermee niets te maken. Maar de kerk kan niet onverschillig blijven ten overstaan van deze problemen alsook tegenover de fundamentele principes, antropologische en sociologische die zich voordoen en die om een regeling vragen, met name wanneer deze problemen een bedreiging vormen of die de waardigheid van de menselijke persoon als ‘beeld van God’ in gevaar brengen (Gn 1,26) of als schepping die als ‘zeer Goed’ door God is beoordeeld.

Een ‘ecologisch manifest van de Middelandse zee aannemen.

Het laatste punt dat wij naar voor willen brengen betreft het vraagstuk van de bescherming van onze natuurlijke leefomgeving, waar het belang ervan niet goed wordt geapprecieerd onder druk van actuele politieke, sociale en economische problemen in de regio van het Midden Oosten en dus gezien wordt als van secundair belang. Het gaat hier dan om een valse en gevaarlijke waarneming.

De verwoesting van de natuurlijke omgeving reduceert elk economisch en sociaal succes verkregen als gevolg van de politieke veranderingen waarvoor het bloed vloeit de dag van vandaag in een bittere strijd, tot niets. Het is omdat wij dit goed begrijpen dat wij hebben besloten om de voorstellen die gedaan worden door het oecumenisch patriarchaat om een samenkomst van de religieuze verantwoordelijken voor te bereiden en te houden, en dit in een nabije toekomst. Een ontmoeting met de verantwoordelijken van de religies van de regio, tijdens dewelke een soort van ecologische variant van het ‘Charta van de Middelandse zee’ op punt zal worden gezet en aangenomen. Zo ,zal de orthodoxe Kerk niet alleen zijn plicht doen tegenover de wereld die door God werd geschapen, maar zij zal ook bijdragen tot de vreedzame coëxistentie en de samenwerking van de religies in deze regio die vandaag de dag wordt verscheurd door conflicten.

Beste broeders en kinderen van de Heer!

“Wij roemen ook in de verdrukkingen, daar wij weten dat de verdrukking volharding uitwerkt, en de volharding beproefdheid, en de beproefdheid hoop; en de hoop maakt niet beschaamd, omdat de liefde Gods in onze harten uitgestort is door de heilige Geest, die ons gegeven is” (Rm 5,3-5).

Uit SOP 361 – oktober 2011

Vertaling : Kris Biesbroeck

“De hondjes onder de tafel eten toch ook van de kruimels van dekinderen”

H. Johannes Chrysostomos (ca. 345-407), bisschop van Antiochië, daarna vanConstantinopel, Kerkleraar
Homilie over het evangelie van Matteus, nr 52, § 2 ; PG 58, 520

Joh.Chrysostomos  detail uit de koninklijke deur.JPG

Johannes Chrysostomos

 

“De hondjes onder de tafel eten toch ook van de kruimels van dekinderen”

      Toen Jezus de Kananese vrouw naderde, zei ze slechts deze woorden:”Ontferm U over mij” (Mt 15,22) en deze herhaalde roep trok veel mensen aan.Het was een indrukwekkend schouwspel om een vrouw te zien roepen met zoveelemotie, een moeder smeekte voor haar dochter, een kind dat zo hard aangepaktwerd… Ze zei niet: “Ontferm U over mijn dochter” maar “Ontferm U over mij”.”Mijn dochter weet niet van haar kwaad; ik daarentegen, ervaar duizendenpijnen, ik ben er ziek van om haar in zo’n staat te ervaren, ik word bijna gekom haar zo te zien”…

      Jezus antwoordt haar: “Ik ben slechts gezonden om de verloren schapenvan het huis van Israel te zoeken”  (Mt 15,24). Wat doet de Kananese na dezewoorden gehoord te hebben? Gaat ze in stilte weg? Verliest ze de moed? Nietsvan dat alles! Ze dringt nog meer aan. Wij doen dat niet: als we niet verhoordworden, dan trekken we ons ontmoedigd terug, terwijl het juist nodig is omvurig aan te dringen. Maar wie zou niet ontmoedigd worden van de antwoord vanJezus? Zijn stilte zou niet voldoende moeten zijn om ons de hoop weg te latennemen… Maar deze vrouw verliest de moed niet, ze komt daarentegendichterbij, buigt en zegt: Heer, kom mij te hulp”  (v. 25)… Als ik eenhondje in dit huis ben, dan ben ik geen vreemde. Ik weet best dat de voedingvoor de kinderen is…, maar verbied niet om de kruimels te geven. Men moet zemij niet weigeren…, want ik ben het hondje dat men niet weg kan drukken”.

      Hij had dit antwoord verwacht, dat maakte dat Christus het uitstelde omhaar gebed te verhoren… Zijn antwoorden waren niet bedoeld om de vrouwverdriet te doen, maar om de verborgen schat te openbaren.

 

Bron:Dagelijksevangelie www.evangelizo.org

Heiligenleven: de heilige Marcus de vaster

Heiligenleven

De heilige Markus de Vaster

 

Markos de asceet.jpg

Marcus de asceet

De heilige Marcus de Vaster had zich van jongsaf aan toegelegd op de studie van de heilige Schrift. Hij was een leerling van de heilige Johannes Chrysostomos. Toen hij 40 jaar oud was, werd hij monnik en hij heeft nog 60 jaar in ascese geleefd. Hij heeft werken geschreven over het ascetisch leven, die in zulk een hoog aanzien stonden dat er een griekse spreuk was die zei : ‘Verkoop alles en koop Markos’. Geheel de heilige Schrift kende hij uit het hoofd naar woord en betekenis. Hij blonk niet slechts uit door geestelijke wetenschap maar hij was er geheel door bezield zodat er een warme liefde van hem uitging die de mensen, maar ook alle andere schepselen omvatte. Daarvan  getuigt een mooi verhaal hoe eens een hyena haar blinde jong bij hem bracht, dat hij toen door zijn gebed genas.

Hij heeft een 40 tal geschriften nagelaten, die echter grotendeels verloren zijn gegaan. Drie ervan zijn opgenomen in de filokalia. Hij is rond 450 gestorven, 100 jaar oud

 

Uit: Heiligenleven voor elke dag. Uitg. Orth. Klooster – Den Haag