Cyrillus van Jeruzalem : “Hij stond op, liet alles achter, en volgde Hem”

Heilige Cyrillus van Jeruzalem (313-350), bisschop van Jeruzalem en Kerkleraar
Catechese met het oog op de doop, nr 1

cyrillus of jerusalem245.jpg

Cyrillus van Jeruzalem

 

“Hij stond op, liet alles achter, en volgde Hem”, de veertigdagentijd leidt naar de doop

      U bent catechisanten als u op weg bent naar de doop, leerlingen van hetNieuwe Verbond en deelnemers aan de mysteriën van Christus, al door de oproepen weldra ook door de genade. U hebt voor uzelf “een nieuw hart en een nieuwegeest” gemaakt (Ez 18,31), voor de vreugde van de hemelbewoners. Als immers,volgens het Evangelie, de bekering van een enkele zondaar deze vreugde oproept(Lc 15,7), hoeveel te meer dan het heil van zoveel zielen die Hij nietaanspoort tot de vreugde van de hemelbewoners?

      U hebt een erg mooie en goede reis ondernomen: leg u toe om ijverig tezijn. De enige Zoon van God is helemaal klaar om u vrij te kopen: “Kom, zegthij, allen die vermoeid zijn en onder lasten gebukt gaan, ik zal jullie rustgeven” (Mt 11,28). U die zwicht voor de zonde, gebonden door de banden van uwfouten, luister naar wat de stem van een profeet zegt: “Was u, reinig u;verwijder uw slechte handelingen voor mijn ogen” (Jes 1,16), opdat het hartvan de engelen tot u roept: “Zalig zij van wie de fout vergeven is, en van wiede zonden vergeven zijn!” (Ps 32,1) U die zojuist de lampen van het geloofkomt aansteken, dat uw snelle handen de vlam bewaken opdat degene die, op onzeheilige berg van Golgotha, door het geloof het paradijs geopend heeft voor degoede moordenaar (Lc 23,43), ons toestaat om het lied van de bruiloft tezingen.

  Als er iemand is die slaaf is van de zonde, dat hij zich door middel vande doop voorbereid voor de nieuwe geboorte die van hem een vrij mens zalmaken, een van de aangenomen kinderen. Dat hij de ellendige slavernij van zijnzonde achter zich laat om de zalige slavernij van de Heer te verwerven…Ontvang het geloof, de “eerste gaven van de heilige Geest” (2Kor 5,5) om in deeeuwige verblijven te worden ontvangen; kom naar het sacrament die u zalkenmerken met het familie worden van de Meester.

 

Bron:Dagelijksevangelie www.evangelizo.org

VERGEVINGSZONDAG

 

Begin van de Grote Vasten

 “Van de verbanning van Adam”

VERGEVINGSZONDAG

Laatste zondag van de voorvasten

 

 adam uitwijziging uit paradijs 4e zondag pre-vasten.jpg

 Adam en Eva : uitdrijving uit het Paradijs

 

 

 

LEZINGEN

Romeinen : 13,11-14,4:

Waakzaam zijn
U weet trouwens hoe laat het is, u weet dat het uu om uit de slaap te ontwaken reeds is aangebroken. Nu is onze redding dichterbij dan toen wij tot het geloof kwamen. De nacht loopt ten einde, de dag breekt aan. Laten wij ons dus ontdoen van de werken van de duisternis en ons toerusten met de wapens van het licht. Laten wij ons behoorlijk gedragen, als op klaarlichte dag, en ons onthouden van zwelgpartijen en drinkgelagen, van ontucht en losbandigheid, van twist en nijd. Bekleed u met de Heer Jezus Christus, en vertroetel uw lichaam niet; er mogen geen begeerten worden opgewekt.
Hoofdstuk 14

Verdraagzaam zijn
Aanvaard ieder die zwak is in het geloof, zonder zijn opvattingen te betwisten. De een is ervan overtuigd dat hij alles mag eten, terwijl een zwakke alleen maar plantaardig voedsel eet. Wie vlees eet, moet iemand die dat niet doet, niet minachten; en wie geen vlees eet, moet iemand die dat wel doet, niet veroordelen; God zelf heeft die ander immers als de zijne aanvaard. Wie ben jij, dat je jezelf een oordeel aanmatigt over de knecht van een ander? Of hij staat of valt, gaat alleen zijn heer aan. Hij zal trouwens staande blijven, want zijn heer is bij machte hem staande te houden.

Evangelie :

Mattheüs 6,14-21:

Want als jullie de mensen hun overtredingen vergeven, zal je hemelse Vader ook jullie vergeven. Maar als jullie de mensen niet vergeven, zal je Vader jullie overtredingen ook niet vergeven.
Wanneer je vast, zet dan geen somber gezicht zoals de schijnheiligen, want zij vertrekken hun gezicht om met hun vasten op te vallen bij de mensen. Ik verzeker jullie, ze hebben hun loon al. Maar als jij vast, zalf dan je hoofd en was je gezicht, opdat het bij de mensen niet opvalt dat je vast, maar wel bij je Vader, die in het verborgene is; en je Vader, die in het verborgene ziet, zal het je lonen.
Maak je geen zorgen!

Verzamel geen schatten op aarde, waar mot of houtworm ze aantast, en waar dieven inbreken om ze te stelen. Maar verzamel schatten in de hemel, waar mot noch houtworm ze aantasten, en waar geen dieven inbreken om ze te stelen. Want waar je schat is, daar zal ook je hart zijn.

Het triodium van de Grote Vasten

Het triodium van de Grote Vasten

Liturgische bemerkingen

De maandag die volgt op de Zondag van de onthouding van melk is de eerste dag van de Grote Vasten. Gedurende 40 dagen nodigt de Kerk ons uit om ons voor te bereiden op de tijd van de Passie en de tijd van Pasen.

1 – DE VASTEN

Men kan de vraag naar het vasten van voedsel negeren of het lichtzinnig opvatten. Nochtans heeft het vasten een daadwerkelijke spirituele waarde. Want de vasten is een “zich beschikbaar stellen” voor Christus en Zijn Woord. Maar men mag het vasten niet alleen beperken tot het zich onthouden van voedsel. De vasten moet ons vooral helpen om onze daden , onze gedachten, onze woorden beter te controleren. Om onze aandacht meer te richten op de eisen van de Heer, om ons terug te brengen tot onze ware dimensies opdat onze naaste wordt verhoogd. De vasten is een “geheel” waarvan men de innerlijke en uiterlijke aspecten niet mag scheiden, maar waarvan de eerste de meest belangrijke zijn.

2 – DE EUCHARISTISCHE LITURGIEëN

A – In de week

Volgens ons gebruik zijn op de dagen dat er gevast wordt ( ’t is te zeggen alle dagen van de Vasten, uitgezonderd de zaterdag en de zondag) geen celebraties van de Goddelijke Liturgie en dit als teken van berouw. Om de gelovigen toch toe te staan om tot de heilige Communie te naderen, worden de heilige gaven zorgvuldig bewaard na de Liturgie van de Zondag en worden op woensdag en vrijdag aan de gelovigen uitgedeeld in wat wordt genoemd de Liturgie van de Voorafgewijde gaven, ’t is te zeggen, waar de Heilige Gaven worden genut die vooraf werden geconsacreerd Deze Liturgie van de Voorafgewijde gaven, die in feite een vesperdienst is gevolgd door de communie, bevat zelf geen eucharistische consecratie. Op zaterdag celebreert men de Goddelijke Liturgie van de Heilige Johannes Chrysostomos.

B – De Zondag

Gedurende de vasten viert men de liturgie van de Heilige Basilios de Grote in plaats van deze van de Heilige Johannes Chrysostomos.

Deze Liturgie wordt in onze Kerk tien maal per jaar gecelebreerd, en wel als volgt :

-De 5 eerste Zondagen van de Vasten

– Op Witte Donderdag, en Paaszaterdag

– Op de vooravond van kerstmis en van Epiphanie ( maar indien deze feesten vallen op een zondag of een maandag, dan zal de Liturgie van de Heilige Basilios plaats vinden op de dag zelf van het feest)

– de eerste januari, feest van de heilige Basilius

3 – DE GROTE COMPLETEN

Het is het laatste van de officies van de dag die men de maandag, de dinsdag, de woensdag en de donderdag van de Grote Vasten opzegt.

In dit officie leest men een groot bijbels gebed van berouw, dit van Manasse, koning van Juda

4 – DE GROTE CANON VAN DE HEILIGE ANDREAS VAN CRETA

Het wordt in delen gelezen in de Grote completen, de maandag, de dinsdag, de woensdag en de donderdag van de eerste week van de Vasten, en integraal de woensdag avond van de vijfde week. Het is een groot gedicht van 250 strofen, verdeeld in 9 odes.

5 – DE HYMNE VAN DE ACATHIST

Het is een lang gedicht van lofprijzing aan de heilige Maagd Maria, die 24 strofen bevat, die gerangschikt zijn in alfabetische orde en verdeeld in vier delen. De vier eerste vrijdagen van de vasten leest men er een deel in van de avond tijdens de completen. De vijfde vrijdag leest men gans de hymne. Het officie heet “acathist”, want men zingt het rechtstaand.(Letterlijk is het een hymne gedurende de zang waarin men niet zit)

In 626 bezetten de Avaren en de Perzen Constantinopel waarvan de Keizer Héraclitus was. De clerus en het volk zouden de ganse nacht in gebed hebben doorgebracht terwijl ze deze hymne aan de heilige Maagd zongen. En de stad werd gered. Men voegde daarbij de herinnering aan twee andere bevrijdingen van Constantinopel, wanneer de stad zich had te verdedigen tegen de Arabieren in 677 en 717. De auteur van de hymne zou voor de ene Patriarch Serge van Constantinopel geweest zijn, voor anderen dan weer zijn archivaris, Georges le Pisside.

6 – DE EERSTE ZATERDAG VAN DE VASTEN

Wij herdenken het mirakel van de kolivia van St. Théodoros de Rekruut, die stierf als martelaar in de 4e eeuw van ons tijdperk. Zie hier hoe het mirakel had plaatsgevonden : Julien de afvallige had het bevel gegeven om de producten die reeds aan de afgoden waren gegeven en verontreinigd waren door het bloed van de slachtoffers, op de markt te verkopen. De heilige martelaar verscheen aan de Patriarch van Constantinopel Eudoxius om de chistenen te vermanen zich slechts te voeden met kolivia, korenharen gekookt in water en gekruid met suiker, en die we nog nuttigen wanneer wij een requiem celebreren

Joh.Chrysostomos : “De hondjes onder de tafel eten toch ook van de kruimels van dekinderen”

Chrysostomos , onbekend [1600x1200].gif

Heilige Johannes Chrysostomos

 

H. Johannes Chrysostomos (ca. 345-407), bisschop van Antiochië, daarna vanConstantinopel, Kerkleraar
Homilie over het evangelie van Matteus, nr 52, § 2 ; PG 58, 520

“De hondjes onder de tafel eten toch ook van de kruimels van dekinderen”

      Toen Jezus de Kananese vrouw naderde, zei ze slechts deze woorden:”Ontferm U over mij” (Mt 15,22) en deze herhaalde roep trok veel mensen aan.Het was een indrukwekkend schouwspel om een vrouw te zien roepen met zoveelemotie, een moeder smeekte voor haar dochter, een kind dat zo hard aangepaktwerd… Ze zei niet: “Ontferm U over mijn dochter” maar “Ontferm U over mij”.”Mijn dochter weet niet van haar kwaad; ik daarentegen, ervaar duizendenpijnen, ik ben er ziek van om haar in zo’n staat te ervaren, ik word bijna gekom haar zo te zien”…

      Jezus antwoordt haar: “Ik ben slechts gezonden om de verloren schapenvan het huis van Israel te zoeken”  (Mt 15,24). Wat doet de Kananese na dezewoorden gehoord te hebben? Gaat ze in stilte weg? Verliest ze de moed? Nietsvan dat alles! Ze dringt nog meer aan. Wij doen dat niet: als we niet verhoordworden, dan trekken we ons ontmoedigd terug, terwijl het juist nodig is omvurig aan te dringen. Maar wie zou niet ontmoedigd worden van de antwoord vanJezus? Zijn stilte zou niet voldoende moeten zijn om ons de hoop weg te latennemen… Maar deze vrouw verliest de moed niet, ze komt daarentegendichterbij, buigt en zegt: Heer, kom mij te hulp”  (v. 25)… Als ik eenhondje in dit huis ben, dan ben ik geen vreemde. Ik weet best dat de voedingvoor de kinderen is…, maar verbied niet om de kruimels te geven. Men moet zemij niet weigeren…, want ik ben het hondje dat men niet weg kan drukken”.

      Hij had dit antwoord verwacht, dat maakte dat Christus het uitstelde omhaar gebed te verhoren… Zijn antwoorden waren niet bedoeld om de vrouwverdriet te doen, maar om de verborgen schat te openbaren.

Bron:Dagelijksevangelie www.evangelizo.org

Heiligenleven:De heilige Nina (o) van Georgië

Heiligenleven

De heilige Nina (o) van Georgië

 

 

Nina heilige 1.jpg

 

Heilige Nina(o)

 

De heilige Nina de Apostel-gelijke Verlichtster van grusië (tot 1801 een zelfstandig rijk ten zuiden van de Kaukasus, ook wel Iberië genaamd, en nu de Russische staat Georgië, de hoofdstad is Tiflis of Tbilis). Tijdens de verwarring der vervolgingen was haar vader, een romeins generaal, als kluizenaar gaan leven in de woestijn van Kappadocië. Haar moeder werd geheel in beslag genomen door haar werk als diakones bij haar broer, de patriarch van Jeruzalem. Zo werd Nina opgevoed door een vrome oudere vrouw, afkomstig uit het toen nog heidense Grusië. Door de verhalen die deze haar deed, ontwaakte in Nina al vroeg het verlangen om naar het verre land te gaan en daar het Evangelie te verkondigen, maar hoe zou een onbemiddeld meisje daar zelfs maar komen ? Toch werd deze droom een werkelijkheid. Toen de vervolging onder Diokletiaan weer opvlamde, moest zij de vlucht nemen, en gesterkt door een visioen van de Moeder Gods trok zij steeds verder tot zij inderdaad in Grusië belandde. Zij vond daar onderdak bij een der verzorgsters van de Koninklijke wijngaard en won aller harten door haar liefderijke zorg voor zieken en lijdenden uit de omgeving. Zij had een uit twee gedroogde wijnranken samengebonden kruis, en met dat kruis in de hand sprak zij met veel overtuigingskracht over de Schepper van hemel en aarde, en over het verlossingswerk door Zijn Zoon, Jezus Christus. Die Zich had laten kruisigen uit liefde voor ons. Haar faam drong door tot koning Mirian, die eveneens tot het geloof kwam. Deze ontbood geloofsverkondigers uit Constantinopel en begon reeds aan de bouw van de eerste kerk in Grusië, gewijd aan de heilige Apostelen.

Toen Nina stierf in 337, na een verblijf van 35 jaar, was het land vrijwel geheel christen geworden. Het wijnrankenkruis waarmee zij haar prediking begon, wordt nog steeds als een kostbare schat bewaard in de kathedraal van Tiflis.

Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. Orthodox klooster Den Haag

Zondag van het laatste oordeel

 

ZONDAG VAN HET LAATSTE OORDEEL

 

laatste_oordeel1.jpg

Laatste oordeel

 

lezingen

 

1 kor.8,8-9,2

 [8] Voedsel brengt ons niet dichter bij God; wij verliezen er niets bij als wij het niet eten, en als wij het wel eten, worden wij er niet beter van. [9] Maar zorg ervoor dat uw vrijheid van handelen de zwakken geen aanstoot geeft. [10] Als zo iemand u, die daar geestelijk boven staat, in een afgodstempel aan een maaltijd ziet deelnemen, zal hij er dan, met zijn zwakke geweten, niet toe aangezet worden om ook offervlees te gaan eten? [11] Dan gaat ten gevolge van uw beter inzicht de zwakke verloren, een broeder voor wie Christus is gestorven. [12] Door zo te zondigen tegen de broeders, en hun angstvallige geweten te kwetsen, zondigt u tegen Christus. [13] Daarom, als mijn voedsel aanstoot geeft aan mijn broeder, zal ik in eeuwigheid geen vlees meer eten, want ik wil mijn broeder geen aanstoot geven. de Heer? 9,2 Al ben ik voor anderen geen apostel, voor u toch zeker wel; want u bent in de Heer het waarmerk van mijn apostelschap

EVANGELIE : Matth.,25,31-46

 

Het oordeel van de Mensenzoon
[31] Wanneer de Mensenzoon* komt, bekleed met zijn heerlijkheid en rondom Hem alle engelen, dan zal Hij plaatsnemen op de troon van zijn heerlijkheid. [32] Alle volkeren zullen vóór Hem bijeengebracht worden, en Hij zal ze van elkaar scheiden, zoals een herder de schapen van de bokken scheidt. [33] De schapen zal Hij aan zijn rechterhand opstellen, de bokken aan zijn linkerhand. [34] Dan zal de koning tegen hen die aan zijn rechterhand staan zeggen: “Kom, gezegenden van mijn Vader, neem het koninkrijk in bezit dat vanaf het begin van de schepping voor jullie klaar ligt. [35] Want Ik had honger en jullie hebben Me te eten gegeven, Ik had dorst en jullie hebben Me te drinken gegeven, Ik was vreemdeling en jullie hebben Me opgenomen. [36] Ik was naakt en jullie hebben Me gekleed, Ik was ziek en jullie hebben naar Me omgezien, Ik zat in de gevangenis en jullie kwamen naar Me toe.” [37] Dan zullen de rechtvaardigen Hem antwoorden: “Heer, wanneer hebben we U hongerig gezien en U te eten gegeven, of dorstig en U te drinken gegeven? [38] Wanneer hebben we U als vreemdeling gezien en U opgenomen, of naakt en hebben we U gekleed? [39] Wanneer hebben we U ziek of in de gevangenis gezien en zijn we naar U toe gekomen?” [40] De koning zal hun antwoorden: “Ik verzeker jullie, alles wat je voor één van deze minste broeders van Mij hebt gedaan, heb je voor Mij gedaan.” [41] Dan zal Hij zich ook richten tot hen die aan zijn linkerhand staan en tegen hen zal Hij zeggen: “Ga weg van Mij, vervloekten, naar het eeuwige vuur, dat aangelegd is voor de duivel en zijn engelen. [42] Want Ik had honger en jullie hebben Me niet te eten gegeven, Ik had dorst en jullie hebben Me niet te drinken gegeven, [43] Ik was vreemdeling en jullie hebben Me niet opgenomen, Ik was naakt en jullie hebben Me niet gekleed, Ik was ziek en zat in de gevangenis en jullie hebben niet naar Me omgezien.” [44] Dan zullen ook zij antwoorden: “He
er, wanneer hebben we U hongerig gezien of dorstig of als vreemdeling of naakt of ziek of in de gevangenis en hebben we U niet geholpen?”
[45] Dan zal Hij hun antwoorden: “Ik verzeker jullie, alles wat je niet voor één van deze minsten hebt gedaan, heb je ook niet voor Mij gedaan.” [46] Zij zullen naar de eeuwige straf gaan, maar de rechtvaardigen naar het eeuwig leven.’