kleiner worden

H. Maximilianus van Turijn (?-ca. 420)
bisschop
Sermon 99 ; PL 57, 535

maximiliaan van Turijn

“Hij moet groter worden en ik kleiner”

Terecht kan Johannes de Doper met de Heer onze Verlosser zeggen: “Hij moet groter worden, en ik kleiner” (Joh 3,30). Deze uitspraak verwerkelijkt zich op dit huidige moment: bij de geboorte van Christus verlengen de dagen zich; bij die van Johannes korten ze weer… Als de Verlosser verschijnt neemt de dag duidelijk toe; hij neemt weer af op het moment dat de laatste profeet sterft, want er staat geschreven: “De Wet en de profeten hebben geheerst tot aan Johannes” (Lc 16,16). Het was onvermijdelijk dat het naleven van de Wet verduistert op het moment dat het Evangelie begint te stralen in de duisternis; het Oude Testament wordt opgevolgd door de glorie van het Nieuwe Testament.

Lees verder kleiner worden

4e zondag na Pinksteren

Genezing van de knecht van de officier

 

genezing knecht officier2

Lezingen : 

Eerste lezing :

Hebreeën 9,1-7
1
Toch had ook het eerste verbond liturgische voorschriften en zijn eigen, aardse heiligdom. 2Er was een tabernakel, een tentheiligdom, ingericht, waarvan het voorste deel de kandelaar en de tafel met de toonbroden bevatte; dit noemde men

Lees verder 4e zondag na Pinksteren

Heilige Josef van Volokolamsk

De heilige Josef van Volokolamsk

Joseph volokolamsk

Josef of Volokolamsk

De heilige Josef van Volokolamsk, het dorp waar hij geboren is in 1440 uit een bojarengezin. Op 20-jarige leeftijd werd hij monnik in het strengste klooster van de streek. Hij had zulk een overtuigingskracht dat ook zijn ouders en zijn broer, de latere bisschop van Rostov, in het klooster traden. Na zijn monnikswijding werd Josef belast met ziekenverzorging, en verpleegde hij ook gedurende 15 jaar zijn zieke vader.

Lees verder Heilige Josef van Volokolamsk

beeld van Christus

Cyrillus van Alexandrië

‘De adoratione in spiritu et veritate’

cyrillus van Alexandriê..213 

“Wij moeten een beeld van Christus zien in het symbool van de schoof, die het eerstelingenoffer is van de korenaren en de vertegenwoordiger van de nieuwe oogst. Christus is immers de eerstgeborene uit de doden, de weg die ons tot de verrijzenis voert, Degene die alles vernieuwt. Het oude heeft afgedaan: ziet, alles is nieuw geworden, zoals de Schrift zegt. De korenschoof werd vóór het aanschijn des Heren gebracht; zo is ook de uit de doden verrezen Emmanuel – nieuwe en onbederfelijke vrucht der mensheid – ten hemel opgeklommen, om in Zichzelf ons allen vóór het aanschijn van de Vader te voeren.”


(Jean Daniélou, Bijbel en liturgie, Brugge/Utrecht,1964, p. 456)


 

Nu is de mensenzoon verheerlijkt…

H. Leo de Grote (? – ca 461)
paus en Kerkleraar
Sermon 58, 7e over het Lijden, § 3-4 ; SC 74 bis

Leo de Grote heilige

Heilige Leo de Grote

“Nu is de Mensenzoon verheerlijkt en God is verheerlijkt in Hem”

Met de woorden “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: een van u zal mij overleveren” (Joh 13,21), toonde de Heer aan dat Hij op de hoogte was van de bedoelingen van degene die Hem zou gaan verraden. Hij weerhoudt de boosdoener niet met harde en openbare afkeuring, maar tracht hem te bereiken met een zachte en verdekte waarschuwing, opdat hij die door geen verbod zou zijn weerhouden, zich wellicht door berouw zou verbeteren.

Lees verder Nu is de mensenzoon verheerlijkt…